Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de vergunning worden geweigerd als:

  1. de exploitant of beheerder niet voldoet aan de in 2:20c gestelde eisen;

  2. de exploitatie van de camping, het recreatiepark of de jachthaven in strijd is met het omgevingsplan;

  3. naar het oordeel van de burgemeester moet worden aangenomen dat de woon- of leefsituatie in de omgeving van de camping, het recreatiepark of de jachthaven of de openbare orde door de exploitatie van de camping, het recreatiepark of de jachthaven op ontoelaatbare wijze wordt beïnvloed;

  4. de exploitatie van de camping of het recreatiepark of de jachthaven een onaanvaardbaar risico op ernstige verstoring van de openbare orde met zich zal meebrengen;

  5. dit in het belang is van het voorkomen of beperken van overlast of strafbare feiten.