1. Het is de eigenaar of houder van een hond verboden die hond te laten verblijven of te laten lopen:

    1. op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak ofspeelweide, sportvelden en schoolterreinen, begraafplaats of op een andere door het college aangewezen plaats;

    2. binnen de bebouwde kom op een openbare plaats als de hond niet is aangelijnd;

    3. buiten de bebouwde kom zonder dat die hond is aangelijnd:

      • op de locaties Beegderheide, Heelderpeel zoals aangegeven op bijgevoegde situatietekening.

        Zie bijlage;

      • op de locatie Leerkeven zoals aangegeven op bijgevoegde situatietekening. Zie bijlage;

      • op een door het college aangewezen plaats.

    4. buiten de bebouwde kom zonder toezicht en zonder begeleiding;

    5. op de weg als de hond niet is voorzien van een halsband of een ander identificatiemerk dat de eigenaar of houder duidelijk doet kennen.

  2. Onder het genoemde in het eerste lid, aanhef en onder b vallen in ieder geval de locaties:

    • het Breerpark te Maasbracht, en;

    • het park gelegen aan de Parklaan/Julianalaan te Maasbracht.

  3. Het eerste lid, aanhef en onder b is niet van toepassing op door het college aangewezen plaatsen.

  4. Het eerste lid, aanhef onder b en c zijn niet van toepassing op de eigenaar of houder van een hond die:

    1. zich vanwege zijn handicap door een geleidehond of sociale hulphond laat begeleiden; of

    2. deze hond aantoonbaar gekwalificeerd opleidt tot geleidehond of sociale hulphond.