1. Het is verboden te venten indien daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt.

  2. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid is het verboden te venten:

    1. op Nieuwjaarsdag, eerste Paasdag, eerste Pinksterdag en eerste Kerstdag;

    2. op zon- en feestdagen van 00.00 tot 12:00 en van 18:00 tot 24:00, voor zover er niet tevens sprake is van een feestdag genoemd onder a.

    3. van maandag tot en met zaterdag tussen 22.00 uur en 9.00 uur.

  3. Het verbod in het tweede lid, aanhef en onder a en b, is niet van toepassing op het te koop aanbieden en verkopen van voor directe consumptie geschikte etenswaren en alcoholvrije dranken voor zover dit plaatsvindt tussen 9.00 en 22.00 uur.

  4. Het college is bevoegd wegen aan te wijzen waarop uit het oogpunt van de in het eerste lid genoemde belangen niet gevent mag worden.

  5. Het verbod is niet van toepassing op:

    1. situaties waarin wordt voorzien door artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994;

    2. het venten met gedrukte of geschreven stukken waarin gedachten en gevoelens worden geopenbaard.