-
De artikelen 5.28 tot en met 5.30 zijn ook van toepassing op het op een locatie toelaten van de volgende activiteiten in verband met het externe veiligheidsrisico voor beperkt kwetsbare, kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen en beperkt kwetsbare en kwetsbare locaties die zijn toegelaten op grond van een omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:
het opslaan van ontplofbare stoffen van ADR-klasse 1, bedoeld in artikel 3.33 van het Besluit activiteiten leefomgeving; of
het exploiteren van een ippc-installatie voor het maken van explosieven, bedoeld in de artikelen 3.72, eerste lid, onder f, en 3.73, eerste lid, van het Besluit activiteiten leefomgeving.
-
Artikel 5.27 is ook van toepassing op het toelaten van een activiteit als bedoeld in het eerste lid, onder a.
Besluit kwaliteit leefomgeving Actueel
Inhoud
§ 5.1.2.5
Artikel 5.27
-
In een omgevingsplan worden voor beperkt kwetsbare, kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen en beperkt kwetsbare en kwetsbare locaties de afstanden, bedoeld in artikel 4.1051, eerste lid, aanhef en onder b, en tweede lid, aanhef en onder b, van het Besluit activiteiten leefomgeving, in acht genomen, voor zover de afstand, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onder b, tweede lid, aanhef en onder b, of derde lid van dat artikel geldt.
-
De afstanden gelden tot de begrenzing, bedoeld in artikel 5.9.
Artikel 5.28
Civiele explosieaandachtsgebieden A, B en C om de activiteiten, bedoeld in artikel 5.26, zijn:
de locaties die worden begrensd door:
- 1°
voor zover het gaat om het opslaan in een bouwwerk met onderdelen die grenzen aan de buitenlucht van ten hoogste 23 cm metselwerk of minder dan 20 cm beton: de afstanden voor de opslag van stoffen van de ADR-klassen, bedoeld in bijlage IX, onder A tot en met C; en
- 2°
voor zover het gaat om het opslaan op andere wijze: de afstand, bepaald in overeenstemming met de NATO Guidelines for the Storage of Military Ammunition and Explosives (AASTP-1); of
- 1°
als het gaat om activiteiten op de locaties, genoemd in bijlage IX, onder D, waarvan de geometrische begrenzing bij ministeriële regeling is vastgelegd: de gebieden, waarvan de geometrische begrenzing bij ministeriële regeling is vastgelegd, rondom die locaties.
Artikel 5.29
-
Een omgevingsplan laat niet toe:
binnen een civiel explosieaandachtsgebied A:
- 1°
beperkt kwetsbare, kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen;
- 2°
beperkt kwetsbare en kwetsbare locaties;
- 3°
autowegen, autosnelwegen, spoorwegen, vaarwegen, of parkeerterreinen voor meer dan 10 motorvoertuigen; en
- 4°
agrarische activiteiten die een meer dan incidentele aanwezigheid van enkele personen vereisen;
- 1°
binnen een civiel explosieaandachtsgebied B:
- 1°
beperkt kwetsbare, kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen; en
- 2°
beperkt kwetsbare en kwetsbare locaties; en
- 1°
binnen een civiel explosieaandachtsgebied C: gebouwen waarin doorgaans een groot aantal personen gedurende een groot gedeelte van de dag aanwezig is met:
- 1°
een vlies- of gordijngevel; en
- 2°
grote glasoppervlakten.
- 1°
-
Het eerste lid is niet van toepassing op beperkt kwetsbare en kwetsbare gebouwen en beperkt kwetsbare en kwetsbare locaties die een functionele binding hebben met een activiteit als bedoeld in artikel 5.26.
-
Het eerste lid geldt voor beperkt kwetsbare, kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen en beperkt kwetsbare en kwetsbare locaties tot de begrenzing, bedoeld in artikel 5.9.
Artikel 5.30
-
Artikel 5.29, eerste lid, is niet van toepassing op activiteiten of werken in een civiel explosieaandachtsgebied A, B en C voor zover:
die op grond van een omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit al rechtmatig op een locatie worden verricht of zijn toegestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van die bepaling; en
in een omgevingsplan een grenswaarde voor het plaatsgebonden risico in acht wordt genomen van:
- 1°
ten hoogste 1 op de 1.000.000 per jaar voor kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen en kwetsbare locaties; en
- 2°
ten hoogste 1 op de 100.000 per jaar voor beperkt kwetsbare gebouwen en beperkt kwetsbare locaties.
- 1°
-
Aan het eerste lid, onder b, wordt voldaan door inachtneming van een berekende afstand. Op het berekenen van de afstand zijn de bij ministeriële regeling gestelde regels van toepassing. De afstand geldt voor beperkt kwetsbare, kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen en beperkt kwetsbare en kwetsbare locaties tot de begrenzing, bedoeld in artikel 5.9.
Artikel 5.31
De artikelen 5.32 tot en met 5.34 zijn van toepassing op het op een locatie toelaten van het opslaan en bewerken van stoffen en voorwerpen van ADR-klasse 1 door de Nederlandse of een bondgenootschappelijke krijgsmacht, bedoeld in artikel 3.332 van het Besluit activiteiten leefomgeving, in verband met het externe veiligheidsrisico voor beperkt kwetsbare, kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen en beperkt kwetsbare en kwetsbare locaties die zijn toegelaten op grond van een omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit.
Artikel 5.32
Militaire explosieaandachtsgebieden A, B en C om de activiteit, bedoeld in artikel 5.31, zijn:
de locatie die wordt begrensd door de afstand bepaald in overeenstemming met de NATO Guidelines for the Storage of Military Ammunition and Explosives (AASTP-1); en
de locaties, genoemd in bijlage X, waarvan de geometrische begrenzing bij ministeriële regeling is vastgelegd.
Artikel 5.33
-
Artikel 5.29, eerste lid, is van overeenkomstige toepassing op militaire explosieaandachtsgebieden A, B en C.
-
Het eerste lid is niet van toepassing op beperkt kwetsbare en kwetsbare gebouwen en beperkt kwetsbare en kwetsbare locaties die een functionele binding hebben met een activiteit als bedoeld in artikel 5.31.
-
Het eerste lid geldt voor beperkt kwetsbare, kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen en beperkt kwetsbare en kwetsbare locaties tot de begrenzing, bedoeld in artikel 5.9.
Artikel 5.34
-
Artikel 5.33, eerste lid, is niet van toepassing op activiteiten of werken in een militair explosieaandachtsgebied A, B en C voor zover:
die op grond van een omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit al rechtmatig op een locatie worden verricht of zijn toegestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van die bepaling; en
in een omgevingsplan een grenswaarde voor het plaatsgebonden risico in acht wordt genomen van ten hoogste 1 op de 100.000 per jaar voor beperkt kwetsbare, kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen en kwetsbare en beperkt kwetsbare locaties.
-
Aan het eerste lid, onder b, wordt voldaan door inachtneming van een bepaalde afstand. Op het bepalen van de afstand zijn de bij ministeriële regeling gestelde regels van toepassing. De afstand geldt voor beperkt kwetsbare, kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen en beperkt kwetsbare en kwetsbare locaties tot de begrenzing, bedoeld in artikel 5.9.