In afwijking van het bepaalde in artikel 5.40 kan de houder:

  1. het dode gezelschapsdier begraven op een dierenbegraafplaats

  2. het dode gezelschapsdier laten cremeren bij een dierencrematorium;

  3. het dode gezelschapsdier laat inslapen door tussenkomst van een dierenarts, die ervoor zorgt dat dit dier ter verwerking wordt aangeboden.