1. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:6 kan de burgemeester de vergunning schorsen, intrekken of wijzigen als:

    1. de ondernemingsvorm wijzigt;

    2. gehandeld wordt in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften;

    3. een exploitant of beheerder, vermeld op de vergunning voor een gamecenter, niet meer als zodanig functioneert;

    4. aannemelijk is, dat een exploitant of beheerder, vermeld op de vergunning voor een gamecenter, betrokken is, of hem ernstige nalatigheid kan worden verweten bij activiteiten in of vanuit het gamecenter, die een gevaar opleveren voor de openbare orde, de volksgezondheid of een bedreiging vormen voor het woon- of leefklimaat in de omgeving van het gamecenter;

    5. een exploitant of beheerder, vermeld op de vergunning voor een gamecenter, strafbare feiten in het gamecenter pleegt, dan wel toestaat of gedoogt dat in het gamecenter strafbare feiten worden gepleegd;

    6. een exploitant of beheerder, vermeld op de vergunning voor een gamecenter, zich schuldig maakt aan discriminatie naar ras, geslacht, seksuele geaardheid of religie;

    7. zich in het gamecenter anderszins feiten hebben voorgedaan, die de vrees wettigen, dat het geopend blijven van het gamecenter ernstig gevaar oplevert voor de openbare orde.

  2. De in artikel 2:39, eerste lid, genoemde vergunning vervalt van rechtswege als:

    1. de exploitant de exploitatie van zijn speelautomatenhal of gamecenter beëindigt;

    2. de exploitatie van de speelautomatenhal of het gamecenter voor een periode van langer dan zes maanden onderbroken is geweest;

    3. binnen twaalf maanden na verlening van de vergunning niet is gestart met de exploitatie van het gamecenter.