1. Het is verboden op of aan de weg voorwerpen, reclamemonsters of andere materiaal voor reclamedoeleinden onder het publiek te verspreiden of te doen verspreiden.

  2. Het verbod in het eerste lid geldt alleen in het door het college aangewezen gebied.

  3. Het college kan de werking van het verbod beperken tot bepaalde dagen en uren.

  4. Het college is bevoegd nadere regels te stellen aan het verspreiden van reclamemateriaal.