1. In dit artikel wordt verstaan onder onbemand luchtvaartuig: elk luchtvaartuig waarmee vluchten worden uitgevoerd of dat is ontworpen om vluchten autonoom of op afstand bestuurd uit te voeren zonder piloot aan boord.

  2. De burgemeester kan in het belang van de openbare orde en veiligheid gebieden aanwijzen waar het verboden is om een onbemande luchtvaartuig voorhanden te hebben.

  3. Het is verboden om een onbemande luchtvaartuigen voorhanden te hebben in een door de burgemeester aangewezen gebied.

  4. Het verbod in het derde lid is niet van toepassing op de Koninklijke Marechaussee, de politie, andere overheidsdiensten die met hulpverlening zijn belast en onbemande luchtvaartuigen die zijn uitgezonderd van de aanwijzing Tijdelijke gebieden en Beperkingen door de Minister van Infrastructuur en Waterstaat waardoor voorschriften en beperkingen gelden voor civiele luchtvaartuigen in de aangewezen gebieden.