Algemene plaatselijke verordening Velsen 2024 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).

Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Samenkomsten
Hoofdstuk Openbare inrichtingen
Hoofdstuk Seksinrichtingen, straatprostitutie, sekswinkels e.d.
Hoofdstuk Toezicht en ondermijning
Hoofdstuk Overlast in de openbare ruimte
Hoofdstuk Strand en zee
Hoofdstuk Straf-, overgangs- en slotbepalingen

Hoofdstuk

Algemene bepalingen

Artikel 1:1

Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct hetzij indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren;

  • college: het college van burgemeester en wethouders;

  • gebouw: bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke overdekte geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt;

  • openbaar water: wateren die voor het publiek bevaarbaar of op andere wijze toegankelijk zijn;

  • openbare plaats: plaats die krachtens bestemming of vast gebruik openstaat voor het publiek;

  • rechthebbende: degene die over een zaak zeggenschap heeft krachtens een zakelijk of persoonlijk recht;

  • strand: het door het college als zodanig aangewezen stuk land;

  • weg: alle voor het openbaar verkeer openstaande wegen of paden met inbegrip van de daarin liggende bruggen en duikers en de tot die wegen behorende paden en bermen of zijkanten;

  • zee: het gedeelte van de Noordzee, gelegen tussen het strand en de gemeentegrens in de Noordzee, alsmede het water van de havens en kanalen gelegen ten westen van het sluizencomplex.

Artikel 1:2

Beslistermijn

  1. Het bevoegde bestuursorgaan beslist op een aanvraag voor een vergunning of ontheffing binnen acht weken na de datum van ontvangst van de aanvraag.

  2. Het bevoegde bestuursorgaan kan de termijn voor ten hoogste acht weken verdagen.

Artikel 1:3

Voorschriften en beperkingen

  1. Aan een vergunning of ontheffing kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden. Deze voorschriften en beperkingen strekken slechts tot bescherming van het belang of de belangen in verband waarmee de vergunning of ontheffing is vereist.

  2. Degene aan wie een vergunning of ontheffing is verleend, is verplicht de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen na te komen.

Artikel 1:4

Persoonlijk karakter van vergunning of ontheffing

De vergunning of ontheffing is persoonlijk, tenzij bij of krachtens deze verordening of bij of krachtens de wet anders is bepaald.

Artikel 1:5

Intrekking of wijziging van vergunning of ontheffing

De vergunning of ontheffing kan worden ingetrokken of gewijzigd:

  1. ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt;

  2. indien op grond van een verandering van de omstandigheden of inzichten opgetreden na het verlenen van de ontheffing of vergunning, intrekking of wijziging noodzakelijk is vanwege het belang of de belangen ter bescherming waarvan de vergunning of ontheffing is vereist;

  3. indien de aan de vergunning of ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen;

  4. indien van de vergunning of ontheffing geen gebruik wordt gemaakt binnen of gedurende een daarin gestelde termijn dan wel, bij het ontbreken van een gestelde termijn, binnen een redelijke termijn; of

  5. indien de houder dit verzoekt.

Artikel 1:6

Termijnen

  1. De vergunning of ontheffing geldt voor onbepaalde tijd, tenzij bij de vergunning of ontheffing anders is bepaald of de aard van de vergunning of ontheffing zich daartegen verzet.

  2. De aard van de vergunning of ontheffing verzet zich in ieder geval tegen gelding voor onbepaalde tijd indien het aantal vergunningen of ontheffingen is beperkt en het aantal mogelijke aanvragers het aantal beschikbare vergunningen of ontheffingen overtreft.

Artikel 1:7

Weigeringsgronden

  1. Een vergunning of ontheffing kan in elk geval worden geweigerd in het belang van:

    1. de openbare orde;

    2. de openbare veiligheid;

    3. de volksgezondheid;

    4. de bescherming van het milieu.

  2. Een vergunning of ontheffing kan voorts worden geweigerd indien:

    1. de aanvraag daarvoor niet binnen de daarvoor gestelde indieningstermijn is ingediend en daardoor een behoorlijke behandeling van de aanvraag niet mogelijk is; of

    2. de aanvraag daarvoor minder dan vier weken voor de beoogde datum van de beoogde activiteit is ingediend en daardoor een behoorlijke behandeling van de aanvraag niet mogelijk is.

← terug naar Algemene plaatselijke verordening Velsen 2024