De burgemeester weigert de vergunning, indien:
de exploitatie van de openbare inrichting in strijd is met het geldend omgevingsplan of voorbereidingsbesluit;
niet wordt voldaan aan de ingevolge artikel 3:6 geldende eisen; of
de ingediende bescheiden niet of niet langer overeenstemmen met de feiten die relevant zijn voor de door de burgemeester te nemen beslissing.
Onverminderd het bepaalde in artikel 1:7 kan de burgemeester de vergunning geheel of gedeeltelijk weigeren als naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat de woon- of leefsituatie in de omgeving van de openbare inrichting of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed.
Bij de toepassing van de in het tweede lid genoemde weigeringsgrond houdt het bevoegde bestuursorgaan rekening met:
het karakter van de straat en de wijk, waarin de openbare inrichting is gelegen of zal zijn gelegen;
de aard van de openbare inrichting;
de spanning, waaraan het woonmilieu ter plaatse reeds blootstaat of bloot zal komen te staan door de exploitatie;
de wijze van bedrijfsvoering door de exploitant of de leidinggevende; en
het levensgedrag van de exploitant of leidinggevende.
Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Samenkomsten
Hoofdstuk Openbare inrichtingen
Hoofdstuk Seksinrichtingen, straatprostitutie, sekswinkels e.d.
Hoofdstuk Toezicht en ondermijning
Hoofdstuk Overlast in de openbare ruimte
Hoofdstuk Strand en zee
Hoofdstuk Straf-, overgangs- en slotbepalingen
Artikel 3:5
Actueel
Weigeringsgronden
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.