Een vergunning wordt door de burgemeester ingetrokken, indien:
de te harer verkrijging verstrekte gegevens zodanig onjuist of onvolledig blijken, dat op de aanvraag een andere beslissing zou zijn genomen, als bij de beoordeling daarvan de juiste omstandigheden volledig bekend waren geweest;
niet langer wordt voldaan aan de ingevolge artikel 3:6 geldende eisen;
zich in de betrokken inrichting feiten hebben voorgedaan, die de vrees wettigen, dat het van kracht blijven van de vergunning gevaar zou opleveren voor de openbare orde, veiligheid of zedelijkheid.
de exploitant in de in artikel 3:7 en artikel 3:3 bedoelde gevallen geen melding als in die artikelen bedoeld heeft gedaan.
Een vergunning kan door de burgemeester worden ingetrokken, indien:
er sprake is van het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.
in een periode van twee jaar ten minste drie maal op grond van artikel 3:3 om bijschrijving van een persoon op het aanhangsel bij de vergunning is verzocht en de burgemeester die wijziging van het aanhangsel tenminste drie maal heeft geweigerd op grond van artikel 3:3, zesde lid.
Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Samenkomsten
Hoofdstuk Openbare inrichtingen
Hoofdstuk Seksinrichtingen, straatprostitutie, sekswinkels e.d.
Hoofdstuk Toezicht en ondermijning
Hoofdstuk Overlast in de openbare ruimte
Hoofdstuk Strand en zee
Hoofdstuk Straf-, overgangs- en slotbepalingen
Artikel 3:8
Actueel
Intrekkingsgronden
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.