1. De burgemeester vermeldt in een aanhangsel bij de vergunning de leidinggevenden.

  2. Een vergunninghouder meldt aan de burgemeester de wens een persoon als leidinggevende te laten bijschrijven.

  3. Deze melding geldt als aanvraag tot wijziging van het aanhangsel.

  4. Deze aanvraag wordt ingediend door middel van een daarvoor door het bevoegd bestuursorgaan gehanteerd formulier en daarbij worden in ieder geval de daarin gevraagde gegevens en bescheiden overgelegd.

  5. De burgemeester bevestigt onverwijld schriftelijk of elektronisch de ontvangst van de aanvraag.

  6. De burgemeester weigert de wijziging van het aanhangsel indien de persoon bedoeld in het eerste lid, niet voldoet aan de eisen bedoeld in artikel 3:6.

  7. In afwachting van het besluit op de aanvraag tot wijziging van het aanhangsel mag een nieuwe leidinggevende werkzaamheden uitoefenen vanaf het moment waarop de exploitant een ontvangstbevestiging heeft gekregen op zijn aanvraag als bedoeld in het derde lid, totdat op de aanvraag is besloten.

  8. Op de aanvraag tot wijziging van het aanhangsel is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.