-
In deze afdeling wordt onder evenement verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van:
bioscoop- en theatervoorstellingen;
markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, aanhef en onder g, van de Gemeentewet en artikel 5:22;
kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen;
het in een inrichting in de zin van de Alcoholwet gelegenheid geven tot dansen indien dit onderdeel uitmaakt van de reguliere bedrijfsvoering van de inrichting, gedurende minimaal 40 weken per jaar plaatsvindt en wordt voldaan aan de door het college te stellen nadere regels;
betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties;
activiteiten als bedoeld in de artikelen 2:9 en 2:39;
voetbalwedstrijden als bedoeld in artikel 2:25a tot en met 2:25f van deze verordening.
Sportwedstrijden, anders dan de onder g bedoelde voetbalwedstrijden, die plaatsvinden op daarvoor bestemde locaties, en niet behoren tot door de burgemeester met het oog op openbare orde risico’s aangewezen categorieën sportwedstrijden.
Activiteiten die plaatsvinden in een gebouw dat bestemd en geschikt is voor die activiteiten en waarbij die activiteiten deel uitmaken van het reguliere gebruik van dat gebouw, voor zover die activiteiten geen verband houden met de aanwezigheid of gebruik van levende dieren.
-
Onder evenement wordt mede verstaan:
een herdenkingsplechtigheid;
een braderie;
een optocht op een openbare plaats, niet zijnde een betoging als bedoeld in artikel 2:3;
een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan een openbare plaats, behoudens straatmuziek;
een straatfeest of buurtbarbecue;
Algemene plaatselijke verordening gemeente Nijmegen BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).
Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Openbare orde en veiligheid, volksgezondheid en milieu
Afdeling Voorkomen of bestrijden van ongeregeldheden
Afdeling Bruikbaarheid, uiterlijk aanzien en veilig gebruik van openbare plaatsen
Afdeling Evenementen
Afdeling Toezicht op openbare inrichtingen
Afdeling Regulering paracommerciële rechtspersonen en overige aangelegenheden uit de Alcoholwet
Afdeling Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf
Afdeling Toezicht op speelgelegenheden
Afdeling Maatregelen ter voorkoming van overlast, gevaar of schade
- Artikel 2:41
- Artikel 2:42
- Artikel 2:43
- Artikel 2:44
- Artikel 2:45
- Artikel 2:46
- Artikel 2:46a
- Artikel 2:47
- Artikel 2:47a
- Artikel 2:48
- Artikel 2:48a
- Artikel 2:49
- Artikel 2:49a
- Artikel 2:50
- Artikel 2:50a
- Artikel 2:50b
- Artikel 2:51
- Artikel 2:52
- Artikel 2:53
- Artikel 2:54
- Artikel 2:55
- Artikel 2:56
- Artikel 2:57
- Artikel 2:58
- Artikel 2:59
- Artikel 2:59a
- Artikel 2:60
- Artikel 2:61
- Artikel 2:62
- Artikel 2:63
- Artikel 2:64
- Artikel 2:65
Afdeling Bestrijding van heling van goederen
Afdeling Consumentenvuurwerk
Afdeling Drugsoverlast
Afdeling Bijzondere bevoegdheden van de burgemeester
Hoofdstuk Regulering prostitutie, seksbranche en aanverwante onderwerpen
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding van de gemeente
Afdeling Parkeerexcessen en stopverbod
Afdeling (vervallen)
Afdeling (Vervallen)
Afdeling Standplaatsen
Afdeling (Vervallen)
Afdeling (Vervallen)
Afdeling Crossterreinen en gemotoriseerd en ruiterverkeer in natuurgebieden
Afdeling Slachten van dieren
Afdeling Verstrooiing
Afdeling Detectorverbod en verbod op magneetvissen
Hoofdstuk Sanctie-, overgangs- en slotbepalingen
Afdeling
Artikel 2:24a
Evenementenvergunning
-
Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren.
-
Bij de indiening van de vergunningaanvraag worden de gegevens, bedoeld in artikel 2.3 van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen, aangeleverd voor zover voor het evenement een gebruiksmelding zou moeten worden gedaan op grond van artikel 2:1, eerste lid, van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen.
-
Een aanvraag om een vergunning voor een evenement als bedoeld in het eerste lid moet worden ingediend niet eerder dan 16 weken en uiterlijk 8 weken vóór de datum van het evenement. De burgemeester kan voor bijzondere en/of periodiek terugkerende evenementen van de hiervoor vermelde termijn afwijken.
-
Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de vergunning worden geweigerd in het belang van:
verkeersveiligheid;
woon- en leefklimaat;
ter handhaving van de openbare orde en veiligheid noodzakelijke politiecapaciteit naar het oordeel van de burgemeester een onevenredig beroep op de beschikbare formatie doet.
-
Geen vergunning is vereist voor een klein evenement dat voldoet aan de door het college te stellen nadere regels.
-
De burgemeester kan besluiten een klein evenement te verbieden, als er aanleiding is te vermoeden dat daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid, de verkeersveiligheid, het woon- en leefklimaat of het milieu in gevaar komt.
-
Het verbod van het eerste lid is niet van toepassing op een wedstrijd op of aan de weg, in situaties waarin voorzien wordt door artikel 10 juncto 148 van de Wegenverkeerswet 1994.
-
Vergunningen voor vergunningplichtige evenementen die gelijktijdig plaatsvinden met de Vierdaagsefeesten worden, gelet op de belangen in het vierde lid, geweigerd met uitzondering van de vergunningen voor de Vierdaagsefeesten en de Vierdaagsemarsen en voor evenementen die:
een historische relatie hebben met de Vierdaagsefeesten en/of -marsen;
op eigen terrein plaatsvinden, dan wel reeds vergund terras, maar niet in de openbare ruimte;
langs de route van de marsen ligt of in de onmiddellijke nabijheid daarvan, zodat er een relatie bestaat tussen de activiteiten en de Vierdaagsemarsen;
plaatsvinden op dezelfde tijdstippen als de Vierdaagsemarsen;
geen zelfstandige bezoekersstroom genereert;
een klein evenement zijn;
hun aanvraag jaarlijks vóór 1 maart hebben ingediend, en
niet conflicteren met de belangen van de Vierdaagsefeesten en/of -marsen.
-
Op de aanvraag om een vergunning of ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
Artikel 2:24b
Aanvraag vergunning of ontheffing Vierdaagsefeesten en/of -marsen
-
Een aanvraag om een vergunning of ontheffing in het kader van de Vierdaagsefeesten wordt ingediend uiterlijk op 1 februari van het jaar waarin de Vierdaagsefeesten plaatsvinden waarop de aanvraag betrekking heeft.
-
Een aanvraag om een vergunning of ontheffing in het kader van de Vierdaagsemarsen wordt ingediend uiterlijk op 1 maart van het jaar waarin de Vierdaagsemarsen plaatsvinden waarop de aanvraag betrekking heeft.
-
Het bevoegd orgaan kan, in geval van een bijzondere omstandigheid, afwijken van de in het eerste en tweede lid genoemde data.
Artikel 2:24d
Beëindiging evenement
-
De burgemeester kan, indien het belang van de openbare orde, het voorkomen of beperken van overlast, de verkeersveiligheid of de veiligheid van personen of goederen, de zedelijkheid of gezondheid, dan wel het woon- en leefklimaat dit vordert, het bevel geven een evenement te beëindigen.
-
Degene die een evenement organiseert dan wel bij een evenement feitelijk de leiding heeft, is verplicht:
dat evenement onverwijld te beëindigen indien de burgemeester hiertoe een bevel geeft;
ervoor te zorgen dat, nadat het onder a bedoeld bevel door de burgemeester is gegeven, geen publiek meer tot het evenement toegelaten wordt;
ervoor te zorgen dat ambtenaren van politie te allen tijde toegang hebben tot het evenement.
-
Indien een evenement gepaard gaat of dreigt te gaan met een ernstige verstoring van de openbare orde is degene die dat evenement organiseert of bij dat evenement feitelijk de leiding heeft, verplicht op bevel van een ambtenaar van politie het evenement onverwijld te beëindigen en geen publiek meer tot het evenement toe te laten.
-
Het is verboden aanwezig te zijn bij een evenement ten aanzien waarvan een bevel, als bedoeld in het eerste lid of in het derde lid, gegeven is.
Artikel 2:24e
Verwijderplicht
Indien een evenement is verboden of een bevel tot beëindiging als bedoeld in artikel 2:24d is gegeven, is eenieder die zich op de plaats of in de directe nabijheid van het evenement bevindt, op eerste vordering van een ambtenaar van politie verplicht zich terstond te verwijderen in de door die ambtenaar bevolen richting.
Artikel 2:25
Betaald voetbalwedstrijden
-
Voor de toepassing van de artikelen 2:25tot en met 2:25e wordt onder organisator verstaan:
de betaaldvoetbalorganisatie NEC, indien het betreft een voetbalwedstrijd waarbij het eerste elftal van de betaaldvoetbalorganisatie NEC als thuisspelende ploeg betrokken is, uitgezonderd wedstrijden buiten enig competitieverband tegen een amateurvoetbalorganisatie;
de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond, indien het betreft een voetbalwedstrijd tussen voetbalorganisaties afkomstig van buiten de gemeente Nijmegen, waarbij ten minste één betaalvoetbalorganisatie is betrokken;
degene die buiten de gevallen, genoemd onder a. en b. een voetbalwedstrijd organiseert, waarbij ten minste één betaaldvoetbalorganisatie is betrokken.
-
Voor de toepassing van de artikelen 2:25tot en met 2:25e wordt onder voetbalwedstrijd verstaan een voetbalwedstrijd georganiseerd door een organisator als bedoeld in het vorige lid.
Artikel 2:25a
Voetbalvergunning
-
Het is de organisator verboden zonder vergunning van de burgemeester een voetbalwedstrijd te houden of te doen houden. Een vergunning kan meerdere wedstrijden betreffen.
-
Een aanvraag om een vergunning moet worden ingediend uiterlijk vier weken voor de datum van de voetbalwedstrijd. De burgemeester kan van de hiervoor vermelde termijn afwijken en de uiterlijke datum van de aanvraag afzonderlijk bepalen.
-
De burgemeester kan de vergunning weigeren dan wel aan de vergunning voorschriften verbinden in het belang van:
de openbare orde;
de openbare veiligheid;
de volksgezondheid;
de bescherming van het milieu;
de verkeersveiligheid.
-
Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
Artikel 2:25b
Verbod voetbalwedstrijd
-
De burgemeester kan het doen spelen van een wedstrijd verbieden:
uit vrees voor het ontstaan van een ernstige verstoring van de openbare orde;
indien de krachtens artikel 2:25a derde lid, opgelegde voorschriften niet worden nageleefd;
indien geen of niet tijdig een vergunning is aangevraagd.
-
Het is verboden een voetbalwedstrijd te doen spelen, wanneer een verbod, als bedoeld in het vorige lid is uitgevaardigd.
Artikel 2:25c
Orde in verband met voetbalwedstrijden
-
Vanaf 4 uur voor het vastgestelde begin van een voetbalwedstrijd tot 4 uur na afloop van een voetbalwedstrijd is het niet toegestaan voorwerpen mee te voeren waarvan redelijkerwijs kan worden aangenomen dat deze zijn bedoeld om de openbare orde te verstoren.
-
Het is verboden in een voetbalstadion de orde te verstoren.
Artikel 2:25d
Verwijderingsplicht voetbalsupporters
Personen, die zich door kleding, uitrusting of gedragingen manifesteren als voetbalsupporters, en niet in het bezit zijn van een geldig toegangsbewijs voor de voetbalwedstrijd dan wel tegen wie het vermoeden bestaat dat zij voornemens zijn de orde te verstoren, zijn verplicht zich op een daartoe strekkend bevel van een ambtenaar van politie met inachtneming van diens aanwijzingen, naar een in het bevel aangegeven plaats, dan wel buiten de gemeentegrenzen te begeven.
Artikel 2:25e
Stadionomgevingsverbod
-
De burgemeester is bevoegd om in het belang van de openbare orde aan een persoon schriftelijk het bevel te geven zich niet te bevinden in de omgeving van het Goffertstadion vanaf 4 uur voor het vastgestelde aanvangstijdstip van een voetbalwedstrijd in het stadion tot 4 uur na afloop van de voetbalwedstrijd.
-
Het bevel bedoeld in het eerste lid geldt voor een bepaalde periode welke niet langer is dan 24 maanden.
Artikel 2:26
Verbod samplen, flyeren, collecteren en venten tijdens evenementen
-
Het is verboden tijdens door de burgemeester aangewezen evenementen op de daarbij aangewezen tijden en openbare plaatsen:
gedrukte of geschreven stukken alsmede samples, monsters en anderen goederen die vallen onder het begrip commerciële handelsreclame onder het publiek te verspreiden dan wel openlijk aan te bieden, aan te bevelen of bekend te maken;
een openbare inzameling van geld of goederen te houden of daartoe een intekenlijst aan te bieden. Onder een inzameling van geld of goederen wordt mede verstaan: het bij het aanbieden van goederen, waartoe ook wordt gerekend geschreven of gedrukte stukken, dan wel bij het aanbieden van diensten aanvaarden van geld of goederen, indien daarbij te kennen wordt gegeven of de indruk wordt gewekt dat de opbrengst geheel of gedeeltelijk voor een ideëel of liefdadig doel is bestemd;
het in de uitoefening van de ambulante handel te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen dan wel diensten aan te bieden op een openbare en in de open lucht gelegen plaats of aan huis, met uitzondering van gedrukte of geschreven stukken waarin gedachten of gevoelens worden geopenbaard als bedoeld in artikel 7, eerste lid van de Grondwet.
-
Het verbod uit het eerste lid is niet van toepassing indien de genoemde activiteit plaatsvindt door, namens of met toestemming van de organisator van het evenement.