1. Onverminderd het bepaalde in de Opiumwet, is het verboden zich op een openbare plaats, het openbaar water, in een voertuig of in een vaartuig op te houden of zich daarmee heen en weer te bewegen met het kennelijke doel om middelen als bedoeld in artikel 2 en 3 van de Opiumwet, slaapmiddelen, kalmeringsmiddelen, stimulerende middelen of daarop gelijkende waar, al dan niet tegen betaling, af te leveren, aan te bieden of te verwerven, daarbij behulpzaam te zijn of daarin te bemiddelen.

  2. Het is verboden op een openbare plaats, het openbaar water of in een voertuig of vaartuig middelen als bedoeld in de artikel 2 van de Opiumwet of daarop gelijkende waar te gebruiken, toe te dienen, of voorbereidingen daartoe te verrichten of voor dat gebruik voorwerpen of stoffen voorhanden te hebben.

  3. Het is verboden op een door de burgemeester aangewezen openbare plaats, het openbaar water of in een voertuig of vaartuig middelen als bedoeld in de artikel 3 van de Opiumwet of daar op gelijkende waar te gebruiken, toe te dienen, of voorbereidingen daarvoor te verrichten.