1. Het verstrekken van alcoholhoudende drank door paracommerciële rechtspersonen is uitsluitend toegestaan binnen de periode die ligt tussen één uur voor aanvang en twee uur na beëindiging van activiteiten die passen binnen de statutaire doelomschrijving van de desbetreffende paracommerciële rechtspersoon, met dien verstande dat het tijdstip waarop alcoholhoudende drank mag worden verstrekt niet vroeger mag zijn dan 12:00 uur en niet later mag zijn dan 00:00 uur.

  2. De burgemeester kan van het bepaalde in het eerste lid ontheffing verlenen.