1. Het is verboden een voertuig dat, met inbegrip van de lading, een lengte heeft van meer dan 6 meter en/of een hoogte van meer dan 2,6 meter te parkeren binnen de bebouwde kom van de gemeente op de weg of op een openbare parkeergelegenheid.

  2. Het verbod geldt niet voor het parkeren:

    1. op de daartoe door het college aangewezen wegen en/of openbare parkeergelegenheden;

    2. op werkdagen van 7:00 tot 18:00 gedurende ten hoogste één uur.

  3. Het eerste lid is niet van toepassing op campers, en kampeerwagens, voor zover deze voertuigen niet langer dan drie achtereenvolgende dagen op de weg geplaatst of gehouden.

  4. Het college kan ontheffing verlenen van de verboden.

  5. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.