1. De aanvraag voor de in artikel 2:34b, lid 1, bedoelde vergunning dient te geschieden met een door de burgemeester vastgesteld formulier.

  2. In de aanvraag voor de vergunning als bedoeld in het eerste lid en in de vergunning als bedoeld in artikel 2:34b, lid 1, wordt in ieder geval vermeld:

    a. de persoonsgegevens van de exploitant;

    b. de persoonsgegevens van de leidinggevende(n).

  3. De in artikel 2:34b, lid 1, bedoelde vergunning wordt uitsluitend verleend aan de exploitant, is persoonsgebonden en kan niet worden overgedragen.

  4. Per inrichting wordt niet meer dan één aanvraag als bedoeld in het eerste lid gelijktijdig in behandeling genomen.