1. Voor zover artikel 2:28 het exploiteren van een openbare inrichting toestaat dan is het exploiteren van een terras mogelijk, indien:

    1. met betrekking tot de ligging en het onderhoud aan het terras door de exploitant de nodige zorgvuldigheid wordt betracht;

    2. het terras sierend is voor het straatbeeld;

    3. het terras geen gevaar of hinder oplevert voor de omgeving;

    4. op wegen of weggedeelten, bestaande uit een rijbaan en een trottoir, het terras op de rijbaan wordt geplaatst of op het trottoir tussen het terras en de rijbaan of geplaatste objecten een vrije en onbelemmerde doorgang van minimaal 1,50 meter aanwezig is voor voetgangers, invaliden- en kinderwagens;

    5. het niet elders dan bij het pand wordt aangelegd waar het bedrijf wordt geëxploiteerd;

    6. op wegen of weggedeelten, enkel bestaand uit een trottoir, een vrije en onbelemmerde doorgang van minimaal 3,5 meter aanwezig is en blijft ten behoeve van hulpdiensten.

  2. Het bevoegde bestuursorgaan kan met inachtneming van artikel 1:8 en van lid 3 van artikel 2:28 nadere beperkingen stellen aan de inrichting en het gebruik van een terras.