De burgemeester kan overeenkomstig artikel 154a van de Gemeentewet besluiten tot het tijdelijk doen ophouden van door hem aangewezen groepen van personen op een door hem aangewezen plaats als deze personen het bepaalde in de artikelen 2:1, 2:10, 2:11, 2:15, 2:16, 2:18, 2:26, 2:29, 2:31, 2:32, 2:52, 2:78, 2:93, 2:95, 2:96, 2:120, 2:221, 2:122 en 2:123 van deze Verordening groepsgewijs niet naleven.
Algemene plaatselijke verordening gemeente Kerkrade 2026 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).
Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Openbare orde en veiligheid, volksgezondheid en milieu
Paragraaf Afdeling 1. Voorkomen of bestrijden van ongeregeldheden
Paragraaf Afdeling 2. Bruikbaarheid, uiterlijk aanzien en veilig gebruik van openbare plaatsen
Paragraaf Afdeling 3. Evenementen
Paragraaf Afdeling 3A: Voetbal
Paragraaf Afdeling 4. Toezicht op openbare inrichtingen
Paragraaf Afdeling 5A. Exploitatievergunning en toezicht smart- en headshop
Paragraaf Afdeling 6. Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf
Paragraaf Afdeling 6A (vervallen)
Paragraaf Afdeling 7. Toezicht op speelgelegenheden
Paragraaf Afdeling 8. Maatregelen tegen overlast, gevaar of schade
- Artikel 2:86
- Artikel 2:87
- Artikel 2:88
- Artikel 2:89
- Artikel 2:90
- Artikel 2:91
- Artikel 2:92
- Artikel 2:93
- Artikel 2:94
- Artikel 2:95
- Artikel 2:96
- Artikel 2:96a
- Artikel 2:97
- Artikel 2:98
- Artikel 2:99
- Artikel 2:100
- Artikel 2:101
- Artikel 2:102
- Artikel 2:103
- Artikel 2:104
- Artikel 2:105
- Artikel 2:106
- Artikel 2:107
- Artikel 2:108
- Artikel 2:109
- Artikel 2:110
- Artikel 2:111
- Artikel 2:112
- Artikel 2:113
Paragraaf Afdeling 9. Bestrijding van heling van goederen
Paragraaf Afdeling 10. Consumentenvuurwerk
Paragraaf Afdeling 11. Drugsoverlast
Paragraaf Afdeling 12. Bijzondere bevoegdheden van de burgemeester
Hoofdstuk Regulering prostitutie, seksbranche en aanverwante onderwerpen
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding van de gemeente
Paragraaf Afdeling 1. Parkeerexcessen en stopverbod
Paragraaf Afdeling 2. Collecteren
Paragraaf Afdeling 3. Venten
Paragraaf Afdeling 4. Standplaatsen
Paragraaf Afdeling 5. Snuffelmarkten
Paragraaf Afdeling 6. Openbaar water en waterstaatswerken
Paragraaf Afdeling 7. Crossterreinen en gemotoriseerd en ruiterverkeer in natuurgebieden
Paragraaf Afdeling 8. Vuurverbod
Paragraaf Afdeling 9. Asverstrooiing
Hoofdstuk Sanctie-, overgangs- en slotbepalingen
Paragraaf
Artikel 2:125
Veiligheidsrisicogebieden
De burgemeester kan overeenkomstig artikel 151b van de Gemeentewet bij verstoring van de openbare orde door de aanwezigheid van wapens, dan wel bij ernstige vrees voor het ontstaan daarvan, een gebied, met inbegrip van de daarin gelegen voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven, aanwijzen als veiligheidsrisicogebied.
Artikel 2:126
Cameratoezicht op openbare plaatsen
-
De burgemeester kan overeenkomstig artikel 151c van de Gemeentewet besluiten tot plaatsing van camera’s voor een bepaalde duur ten behoeve van het toezicht op een openbare plaats. De burgemeester kan daartoe gebieden aanwijzen.
-
De burgemeester heeft die bevoegdheid eveneens ten aanzien van voor eenieder toegankelijke plaatsen.
Artikel 2:127
Gebiedsontzeggingen
-
In het belang van de openbare orde, het voorkomen of beperken van overlast, het voorkomen of beperken van aantasting van het woon- en leefklimaat, de veiligheid van personen of goederen, de verkeersvrijheid of veiligheid en de gezondheid of zedelijkheid kan de burgemeester of een daartoe aangewezen politieambtenaar of buitengewoon opsporingsambtenaar aan een persoon die strafbare feiten of openbare orde verstorende handelingen verricht een bevel geven om zich gedurende een in het bevel bepaalde periode niet anders dan in een openbaar middel van vervoer in een of meer bepaalde, door het college aangewezen delen van de gemeente op een openbare plaats op te houden.
-
De burgemeester beperkt het in het eerste lid genoemde bevel of de in dat bevel genoemde termijn indien dat in verband met de persoonlijke omstandigheden van betrokkene noodzakelijk is.
-
Het is verboden zich te gedragen in strijd met een door de burgemeester opgelegd bevel als bedoeld in het eerste lid.
-
De burgemeester kan ontheffing verlenen van het bevel, bedoeld in het eerste lid.
-
Op de aanvraag om een ontheffing, als bedoeld in het vierde lid, is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
Artikel 2:128
Woonoverlast als bedoeld in artikel 151d Gemeentewet
-
Degene die een woning of een bij die woning behorend erf gebruikt, of tegen betaling in gebruik geeft, draagt er zorg voor dat door gedragingen in of vanuit die woning of dat erf of in de onmiddellijke nabijheid van die woning of dat erf geen ernstige en herhaaldelijke hinder voor omwonenden wordt veroorzaakt.
-
De burgemeester kan een last onder bestuursdwang wegens overtreding van het eerste lid in ieder geval opleggen bij ernstige en herhaaldelijke:
a. Geluid- of geurhinder;
b. Hinder van door de bewoner gehouden dieren;
c. Hinder van bezoekers of personen die tijdelijk in een woning of op een erf aanwezig zijn;
d. Overlast door vervuiling van een woning of een erf;
e. Intimidatie van bewoners of derden vanuit een woning of een erf.
Artikel 2:129
Sluiting overlast gevende, voor het publiek openstaande gebouwen
De burgemeester kan, indien zulks naar zijn oordeel in het belang van de openbare orde of ter voorkoming of beperking van overlast of nadelige gevolgen van het woon- en leefklimaat is vereist, de gehele of gedeeltelijke sluiting bevelen van een voor het publiek openstaand gebouw – niet zijnde een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:35 – of een bij dat gebouw behorend erf, een perceel of perceelsgedeelte of enige andere ruimte, niet zijnde een woning die als zodanig in gebruik is.
Artikel 2:130
Sluiting voor het publiek openstaande gebouwen in geval van misdrijf
De burgemeester kan, ter bescherming van de openbare orde, de gehele of gedeeltelijke sluiting bevelen van een voor het publiek openstaand gebouw of een bij dat gebouw behorend erf, een perceel of perceelsgedeelte of enige andere ruimte, niet zijnde een woning die als zodanig in gebruik is, indien daar door misdrijf verkregen zaken voorhanden, bewaard, of verborgen zijn dan wel verworven of overgedragen.
Artikel 2:131
Gevaarlijke voorwerpen
-
Het is verboden op door de burgmeester aangewezen openbare plaatsen, met inbegrip van daaraan gelegen voor het publiek toegankelijke gebouwen, messen, knuppels, slagwapens of andere voorwerpen die als wapen kunnen worden gebruikt, openlijk bij zich te hebben.
-
Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor wapens behorende tot categorie I, II, III, IV van de Wet wapens en munitie en voor zover door het bij zich dragen van deze voorwerpen de openbare orde en veiligheid niet in gevaar komt of kan komen.