1. Voor het uitoefenen van een raamprostitutiebedrijf of straatprostitutie wordt geen vergunning verleend.

  2. Het bevoegde bestuursorgaan kan een maximum stellen aan het totaal aantal seksinrichtingen van seksbedrijven, niet zijnde raamprostitutiebedrijven, en sekswinkels waarvoor vergunning kan worden verleend. Daarbij kan worden bepaald dat de aanwijzing slechts geldt voor seksinrichtingen van seksbedrijven van een nader aangewezen aard

  3. In het belang van de openbare orde of de woon- en leefomgeving wordt per wijk de exploitatie van maximaal één sekswinkel toegestaan.

  4. Onverminderd het bepaalde in het derde lid is het de rechthebbende op een onroerende zaak verboden daarin een sekswinkel te exploiteren in door burgemeester en wethouders in het belang van de openbare orde of de woon- en leefomgeving aangewezen gebieden of delen van de gemeente.