1. De vergunning is in de openbare inrichting aanwezig.

  2. De leidinggevende geeft de vergunning op eerste vordering van een toezichthouder of opsporingsambtenaar ter inzage af.

  3. Het is verboden een alcoholvrij bedrijf voor het publiek geopend te hebben als de exploitant of de leidinggevende die als zodanig op de exploitatievergunning staat vermeld niet in het bedrijf aanwezig is.

  4. De verleende vergunning geldt niet voor andere gedeelten van de openbare weg dan die, waar dat verstrekken door de burgemeester uitdrukkelijk is toegestaan.

  5. De exploitant doet binnen twee weken na beëindiging van de exploitatie van een bedrijf daarvan mededeling aan het bevoegde bestuursorgaan.