Het is verboden een openbare inzameling van geld of goederen te houden of daartoe een intekenlijst aan te bieden, indien:
degene die het voornemen heeft de openbare inzameling van geld of goederen te houden of daartoe een intekenlijst aan te bieden, daarvan niet minimaal zes weken van tevoren een melding heeft gedaan aan het college, of
het college de openbare inzameling van geld of goederen te houden of het daartoe aanbieden van een intekenlijst met inachtneming van het bepaalde in het vijfde lid tijdig heeft verboden.
Onder een inzameling van geld of goederen wordt mede verstaan het bij het aanbieden van goederen, waartoe ook geschreven of gedrukte stukken worden gerekend, dan wel bij het aanbieden van diensten, aanvaarden van geld of goederen, indien daarbij te kennen wordt gegeven of de indruk wordt gewekt dat de opbrengst geheel of ten dele voor een liefdadig of ideëel doel is bestemd.
Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor een inzameling die in besloten kring gehouden wordt.
Het college kan besluiten de openbare inzameling van geld of goederen te houden of het daartoe aanbieden van een intekenlijst te verbieden indien daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid of de volksgezondheid in gevaar komt.
Het college dient een besluit als bedoeld in het vierde lid te nemen binnen vier weken na ontvangst van de melding.
Algemene plaatselijke verordening Heerlen 2021 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).
Inhoud
HOOFDSTUK ALGEMENE BEPALINGEN
HOOFDSTUK OPENBARE ORDE
AFDELING BESTRIJDING VAN ONGEREGELDHEDEN
AFDELING BETOGING
AFDELING VERSPREIDEN VAN GEDRUKTE STUKKEN
AFDELING VEILIGHEID OP DE WEG
AFDELING TOEZICHT OP EVENEMENTEN
AFDELING TOEZICHT OP OPENBARE INRICHTINGEN
AFDELING Bijzondere bepalingen over horecabedrijven als bedoeld in de Alcoholwet
AFDELING MAATREGELEN TEGEN OVERLAST EN BALDADIGHEID
- Artikel 2:35
- Artikel 2:36
- Artikel 2:37
- Artikel 2:38
- Artikel 2:39
- Artikel 2:40
- Artikel 2:41
- Artikel 2:42
- Artikel 2:43
- Artikel 2:44
- Artikel 2:45
- Artikel 2:46
- Artikel 2:47
- Artikel 2:48
- Artikel 2:49
- Artikel 2:50
- Artikel 2:51
- Artikel 2:52
- Artikel 2:53
- Artikel 2:53A
- Artikel 2:54
- Artikel 2:55
- Artikel 2:56
- Artikel 2:57
- Artikel 2:58
AFDELING BEPALINGEN TER BESTRIJDING VAN HELING VAN GOEDEREN
AFDELING KERMISINRICHTINGEN
AFDELING CAMERATOEZICHT OP OPENBARE PLAATSEN
AFDELING WOONOVERLAST
AFDELING GEBRUIK VAN CONSUMENTENVUURWERK EN CARBIDSCHIETEN
HOOFDSTUK DRUGSHANDEL, OPENLIJK DRUGSGEBRUIK, HORECA-INRICHTINGEN, STRAATPROSTITUTIE, SEKSINRICHTINGEN, SEKSWINKELS, ESCORTBEDRIJVEN, TEGENGAAN ONVEILIG, NIET LEEFBAAR EN MALAFIFE ONDERNEMERSKLIMAAT
AFDELING DRUGSHANDEL
Paragraaf Algemene bepalingen
Paragraaf De vergunning
Paragraaf Inrichtingseisen
Paragraaf Dwangbepalingen
Paragraaf Begripsomschrijvingen
Paragraaf Prostitutieverbod
Paragraaf Handhaving en nadere regels
Paragraaf Algemene bepalingen; nadere regels
Paragraaf Vergunningplicht seksinrichtingen; sekswinkels; verbod raamprostitutie e.d.
Paragraaf Beslissingstermijnen en weigeringsgronden
Paragraaf Beëindiging exploitatie; wijziging beheer; vervallen vergunning
Paragraaf Vergunningplicht
Paragraaf Sluiting van voor het publiek openstaande gebouwen
HOOFDSTUK BESCHERMING VAN HET MILIEU EN HET NATUURSCHOON EN ZORG VOOR HET UITERLIJK AANZIEN VAN DE GEMEENTE
HOOFDSTUK ANDERE ONDERWERPEN BETREFFENDE DE HUISHOUDING DER GEMEENTE
HOOFDSTUK STRAF-, OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN
AFDELING
Artikel 5:13
Begripsomschrijving
In deze afdeling wordt onder venten verstaan: het in de uitoefening van de ambulante handel te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen dan wel diensten op een openbare plaats of aan huis.
Onder venten wordt niet verstaan:
het aan huis afleveren van goederen door of vanwege degene die dit doet ter exploitatie van zijn winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkeltijdenwet;
het te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen als bedoeld in het eerste lid op jaarmarkten en markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder h, van de Gemeentewet of op snuffelmarkten als bedoeld in artikel 5:21 van deze verordening.
het te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen als bedoeld in het eerste lid op een standplaats als bedoeld in artikel 5:16 van deze verordening.
Artikel 5:14
Ventverbod
Het is verboden te venten op door het college aangewezen openbare plaatsen.
Het college kan ontheffing verlenen van het verbod in het eerste lid.
Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing.
Het is verboden te venten indien daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid of de volksgezondheid in gevaar komt.
Het is verboden te venten:
op zondag;
op maandag tot en met zaterdag voor 08.00 uur of na 20.00 uur.
Het verbod geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994.
Het verbod geldt tevens niet aanzien van het op de zondag en de feestdagen te koop aanbieden en verkopen van voor directe consumptie geschikte eetwaren en alcoholvrije dranken.
Artikel 5:15
Vrijheid van meningsuiting
Het verbod van artikel 5:14 geldt niet voor venten met gedrukte of geschreven stukken waarin gedachten en gevoelens worden geopenbaard als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Grondwet.
Het college kan de vrijheid van meningsuiting als bedoeld in het eerste lid beperken door een verbod in te stellen:
op of aan door het college aangewezen openbare plaatsen, of
voor bepaalde dagen en uren.
Het college kan ontheffing verlenen van het verbod van het tweede lid.
Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing.
Artikel 5:16
Begripsomschrijving standplaats
In deze afdeling wordt verstaan onder standplaats: het vanaf een vaste plaats op een openbare plaats te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen of het anderszins aanbieden van goederen of diensten, al dan niet gebruikmakend van fysieke middelen, zoals een kraam, een wagen of een tafel.
Onder standplaats wordt niet verstaan:
vaste plaatsen op jaarmarkten of markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid onder h, van de Gemeentewet;
vaste plaatsen op evenementen als bedoeld in artikel 2:23;
vaste plaatsen op snuffelmarkten als bedoeld in artikel 5:21.
Artikel 5:17
Standplaatsvergunning en weigeringsgronden
Het is verboden zonder vergunning van het college een standplaats in te nemen of te hebben.
Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de vergunning worden geweigerd
indien de standplaats hetzij op zichzelf hetzij in verband met de omgeving niet voldoet aan eisen van redelijke welstand;
vanwege strijd met het geldend omgevingsplan.
Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing.
Artikel 5:18
Toestemming rechthebbende
Het is de rechthebbende op een perceel verboden toe te staan dat daarop zonder vergunning van het college standplaats wordt of is ingenomen.
Artikel 5:19
Afbakeningsbepalingen
Het verbod van artikel 5:17, eerste lid geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Standplaatsenverordening en voor beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg of waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet of de provinciale omgevingsverordening.
De weigeringsgrond van artikel 5:17, tweede lid, onder a, geldt niet voor bouwwerken.
Artikel 5:20
Aanhoudingsplicht
In afwijking van artikel 1:2, houdt het college de beslissing op een aanvraag om vergunning als bedoeld in artikel 5:17 aan indien er geen grond is de vergunning te weigeren, en de aanvraag een activiteit betreft waarvoor tevens een omgevingsvergunning als bedoeld de Omgevingswet is vereist.
De aanhouding duurt tot de dag waarop is beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning.
Artikel 5:21
Snuffelmarkten e.d.
Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester:
in of op een - al dan niet met enige beperking - voor het publiek toegankelijk gebouw een markt te organiseren of toe te laten, waar ter plaatse aanwezige goederen worden verhandeld;
toe te laten, te bevorderen of er gelegenheid toe te geven, dat in of op een - al dan niet met enige beperking - voor publiek toegankelijk gebouw met een kraam, een tafel of enig ander dergelijk middel standplaats wordt of is ingenomen om goederen aan publiek aan te bieden, te verkopen of te verstrekken.
Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor ruimten die uitsluitend geheel en voortdurend dan wel nagenoeg geheel en voortdurend in gebruik zijn als winkel in de zin van de Winkeltijdenwet
Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8, kan een vergunning als bedoeld in het eerste lid worden geweigerd in het belang van een krachtens de Gemeentewet ingestelde markt.
Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing.