-
In deze afdeling wordt verstaan onder:
alcoholhoudende drank: dat wat daaronder verstaan wordt in de Alcoholwet
leidinggevende:
de natuurlijke persoon of de bestuurders van een rechtspersoon of hun gevolmachtigden, voor wiens rekening en risico het bedrijf waar de openbare inrichting onderdeel van uitmaakt wordt uitgeoefend;
de natuurlijke persoon, die algemene leiding geeft aan een onderneming, waarin het bedrijf wordt uitgeoefend in een of meer openbare inrichtingen;
de natuurlijke persoon, die onmiddellijke leiding geeft aan de uitoefening van zodanig bedrijf in een openbare inrichting;
ondernemer: iedere natuurlijke persoon of rechtspersoon, voor wiens rekening en risico de openbare inrichting wordt gedreven en de bestuurders van de rechtspersoon of hun gevolmachtigden met uitzondering van de bestuurders van een rechtspersoon als bedoeld in artikel 4 Alcoholwet;
openbare inrichting:
een hotel, restaurant, pension, café, cafetaria, lunchroom, ijssalon, snackbar, discotheek, buurthuis of clubhuis, shishalounge of coffeeshop;
elke andere voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was logies wordt verstrekt of dranken worden geschonken of rookwaren of spijzen voor directe consumptie worden verstrekt of bereid;
terras: een buiten de besloten ruimte van de openbare inrichting liggend deel daarvan waar sta- of zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken of spijzen voor directe consumptie kunnen worden bereid of verstrekt.
para commerciële rechtspersoon: dat wat daaronder verstaan wordt in de Alcoholwet.
Algemene plaatselijke verordening gemeente Haarlem BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).
Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Openbare orde
Afdeling Bestrijding van ongeregeldheden
Afdeling Betoging
Afdeling Verspreiden van gedrukte stukken
Afdeling Vertoningen e.d. op de weg
Afdeling Bruikbaarheid en aanzien van de weg
Afdeling Veiligheid op de weg
Afdeling Toezicht op openbare inrichtingen
Afdeling Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf
Afdeling Toezicht op speelgelegenheden
Afdeling Speelautomatenhallen
Afdeling Maatregelen tegen overlast en baldadigheid
- Artikel 2:41
- Artikel 2:42
- Artikel 2:43
- Artikel 2:43a
- Artikel 2:44
- Artikel 2:44a
- Artikel 2:45
- Artikel 2:46
- Artikel 2:47
- Artikel 2:47a
- Artikel 2:48
- Artikel 2:49
- Artikel 2:49a
- Artikel 2:49b
- Artikel 2:50
- Artikel 2:50a
- Artikel 2:50b
- Artikel 2:51
- Artikel 2:52
- Artikel 2:53
- Artikel 2:54
- Artikel 2:55
- Artikel 2:56
- Artikel 2:57
- Artikel 2:58
- Artikel 2:59
- Artikel 2:60
- Artikel 2:61
- Artikel 2:62
- Artikel 2:63
- Artikel 2:64
- Artikel 2:65
Afdeling Bepalingen ter voorkoming en bestrijding van heling van goederen
Afdeling Vuurwerk
Afdeling Drugsoverlast
Afdeling Sluiting ruimte, verblijfsontzeggingen, veiligheidsrisicogebieden en cameratoezicht op openbare plaatsen
Hoofdstuk REGULERING PROSTITUTIE, SEKSBRANCHE EN AANVERWANTE ONDERWERPEN
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding der gemeente
Afdeling Parkeerexcessen uitgezet bij parkeren
Afdeling Collecteren
Afdeling Commercieel aanbieden deelvoertuigen
Afdeling Standplaatsen
Afdeling Particuliere markten
Afdeling Openbaar water
Afdeling Crossterreinen en gemotoriseerd en ruiterverkeer in natuurgebieden
Afdeling Verbod vuur te stoken
Afdeling Verstrooiing van as
Afdeling Bescherming cultureel erfgoed
Hoofdstuk Straf-, overgangs- en slotbepalingen
Afdeling
Artikel 2:28
Exploitatie openbare inrichting
-
Het is verboden een openbare inrichting te exploiteren zonder vergunning van de burgemeester.
-
Geen vergunning is vereist voor een openbare inrichting die zich bevindt in:
een winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkeltijdenwet voor zover de activiteiten van de openbare inrichting een nevenactiviteit vormen van de winkelactiviteit;
een zorginstelling;
een museum; of
een bedrijfskantine of –restaurant.
-
In aanvulling op het tweede lid is ook geen vergunning vereist voor een openbare inrichting die:
in bezit is van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet; of
uitsluitend geopend is tussen 07:00 uur en 19:00 uur;
-
De burgemeester kan categorieën openbare inrichtingen aanwijzen waarbij in afwijking van het tweede en derde lid wel een vergunning is vereist.
-
De exploitatie van openbare inrichtingen geschiedt overeenkomstig de door het college vastgestelde nadere regels voor exploitatie van openbare inrichtingen.
-
Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing op de vergunning bedoeld in het eerste lid.
Artikel 2:28a
Vergunningaanvraag
-
De vergunning kan uitsluitend door de ondernemer worden aangevraagd door middel van een door de burgemeester vastgesteld formulier.
-
Bij de aanvraag om de vergunning moeten in ieder geval de door de burgemeester vastgestelde bijlagen worden overgelegd.
Artikel 2:28b
De vergunning
-
De burgemeester vermeldt in een vergunning:
de vergunninghouder;
tot welke bedrijfsuitoefening de vergunning strekt;
de plaats waar de inrichting zich bevindt;
de situering en de oppervlakten van de horeca- of slijtlokaliteiten en terrassen;
de voorschriften of beperkingen welke aan de vergunning zijn verbonden.
-
De burgemeester vermeldt in een aanhangsel bij de vergunning de leidinggevenden.
Artikel 2:28c
Weigering vergunning
-
De burgemeester weigert de vergunning indien:
de exploitatie van de openbare inrichting in strijd is met het omgevingsplan;
niet wordt voldaan aan het gestelde in artikel 2:28f; of
redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de feitelijke toestand niet met het in de aanvraag vermelde in overeenstemming zal zijn.
-
De burgemeester kan een vergunning ten aanzien van een inrichting, waarvan de vergunning op grond van artikel 2:28d, onder d, is ingetrokken, gedurende een bij die intrekking vastgestelde termijn van ten hoogste vijf jaar weigeren.
Artikel 2:28d
Intrekken van de vergunning
Behalve op grond van artikel 1:6 wordt de vergunning ingetrokken indien:
de omstandigheden of inzichten op grond waarvan de vergunning is verleend zodanig zijn gewijzigd dat een situatie is ontstaan welke moet worden aangemerkt als een ontoelaatbare aantasting van het woon- en leefklimaat in de naaste omgeving;
de vergunninghouder niet langer voldoet aan de in artikel 2:28f gestelde eisen;
zich in de betrokken inrichting feiten hebben voorgedaan die de vrees wettigen dat het van kracht blijven van de vergunning gevaar op zou leveren voor de openbare orde, veiligheid of zedelijkheid; of
de leidinggevende niet voldoet aan artikel 2:28g.
Artikel 2:28e
Vervallen van de vergunning
De vergunning vervalt, indien:
de beslissing op de aanvraag voor een nieuwe vergunning in hetzelfde pand onherroepelijk is geworden; of
indien geen exploitatie van de vergunning plaatsvindt, gedurende drie maanden en geen sprake is van overmacht.
Artikel 2:28f
Eisen vergunninghouder en leidinggevende
De vergunninghouder en de leidinggevende voldoen aan de volgende eisen:
zij mogen niet onder curatele staan dan wel uit de ouderlijke macht of voogdij ontzet zijn;
zij mogen niet in enig opzicht van slecht levensgedrag zijn;
zij moeten de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt; of
de in het Alcoholbesluit gestelde eisen.
Artikel 2:28g
Aanwezigheid leidinggevende
Het is verboden een vergunning plichtige openbare inrichting voor het publiek geopend te houden indien in de inrichting geen leidinggevende die vermeld is op het aanhangsel behorende bij de vergunning aanwezig is.
Artikel 2:29
Openingstijden
-
Openbare inrichtingen mogen voor publiek geopend zijn vanaf 07:00 tot 01:00 uur de volgende dag. Op 31 december mogen openbare inrichtingen vanaf 07:00 tot 06:00 uur de volgende dag voor publiek geopend zijn.
-
Openbare inrichtingen in door de burgemeester aangewezen gebieden mogen voor het publiek geopend zijn op zondag tot en met woensdag vanaf 07:00 uur tot 02:00 uur de volgende dag en van donderdag tot en met zaterdag alsmede op bijzondere dagen als bedoeld in artikel 2:29a vanaf 07:00 uur tot 04:00 uur de volgende dag.
-
In afwijking van het tweede lid mogen openbare inrichtingen in de aangewezen gebieden het eerste weekend van de zomertijd in de nacht van zaterdag op zondag voor het publiek geopend zijn vanaf 07:00 uur tot 05:00 uur (zomertijd) de volgende dag.
-
Het is verboden een openbare inrichting voor bezoekers geopend te hebben, of bezoekers in de inrichting te laten verblijven buiten de openingstijden.
-
De burgemeester kan een ontheffing tot 05:00 uur, als bedoeld in artikel 2:29b, of een 24-uursontheffing, als bedoeld in artikel 2:29c, verlenen tot verlenging van de openingstijden.
-
De burgemeester kan ten aanzien van de verlengde openingstijden als bedoeld in het tweede en vijfde lid nadere regels stellen.
-
In afwijking van dit artikel gelden voor een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28, tweede lid, dezelfde openingstijden als voor de inrichting waar deze deel van uitmaakt.
-
Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing op de ontheffingen bedoeld in het vijfde lid.
Artikel 2:29a
Openingstijden bijzondere dagen
Bijzondere dagen waarop, op grond van artikel 2:29, tweede lid, in de aangewezen gebieden de openingstijden van 07:00 tot 04:00 uur gelden zijn:
Eerste Paasdag;
Koningsnacht en -dag;
Bevrijdingsdag;
de dag voor Hemelvaartsdag;
Eerste Pinksterdag;
Kerstavond (nacht van 24 op 25 december);
Eerste en Tweede Kerstdag.
Artikel 2:29b
Ontheffing tot 05:00 uur
-
De burgemeester kan openbare inrichtingen ontheffing verlenen van artikel 2:29, tweede lid tot 05:00 uur dagelijks.
-
Deze inrichtingen dienen gevestigd te zijn in de op basis van artikel 2:29, tweede lid aangewezen gebieden.
-
De burgemeester weigert de ontheffing als bedoeld in het eerste lid indien de openbare inrichting een restaurant, cafetaria, lunchroom, koffie- of theezaak, ijssalon, snackbar, grillroom, buurthuis of clubhuis, shishalounge, coffeeshop of een daarmee gelijk te stellen horecabedrijf betreft.
-
De ontheffing wordt verleend voor de duur van vijf jaar.
Artikel 2:29c
24-uursontheffing
-
De burgemeester kan aan een openbare inrichting met programmering op het gebied van nachtcultuur zoals een discotheek of poppodium, niet noodzakelijk gericht op het bieden van gelegenheid tot dansen, ontheffing verlenen om 24 uur per dag geopend te zijn.
-
De inrichting dient gevestigd te zijn in een door de burgemeester aangewezen gebied buiten dat deel van de gemeente dat begrensd wordt door het water van het Spaarne-Kampersingel-Gasthuissingel-Raamsingel-Leidsevaart-Zijlsingel-Kinderhuissingel-Schotersingel en Kloppersingel.
-
De ontheffing wordt verleend voor de duur van vijf jaar.
Artikel 2:29d
Verlaatje
-
Het is openbare inrichtingen toegestaan om, in afwijking van het tweede lid van artikel 2:29, op donderdag tot en met zaterdag alsmede op bijzondere dagen als bedoeld in artikel 2:29a maximaal 6 keer per kalenderjaar voor bezoekers geopend te zijn tot 06:00 uur de volgende dag, mits dit minimaal 15 werkdagen van tevoren aan de burgemeester is gemeld. Voor openbare inrichtingen met een ontheffing op grond van artikel 2:29b geldt een maximum van 10 keer per kalenderjaar.
-
De burgemeester kan binnen 10 werkdagen na ontvangst van de melding besluiten de verlengde openingstijd te verbieden, indien er aanleiding is te vermoeden dat daardoor de openbare orde of de openbare veiligheid in gevaar komt.
-
De burgemeester kan nadere regels stellen.
-
Deze inrichtingen dienen gevestigd te zijn in de op basis van artikel 2:29, tweede lid aangewezen gebieden.
-
Deze bepaling is niet van toepassing op een openbare inrichting die een cafetaria, lunchroom, koffie- of theezaak, ijssalon, snackbar, grillroom, buurthuis of clubhuis, shishalounge, coffeeshop of een daarmee gelijk te stellen horecabedrijf betreft.
Artikel 2:30
Afwijking openingstijd; tijdelijke sluiting
-
De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, veiligheid of gezondheid of in geval van bijzondere omstandigheden voor een of meer openbare inrichtingen andere openingstijden vaststellen of tijdelijk sluiting bevelen.
-
Het is verboden nadat de algehele sluiting of de gewijzigde sluitingstijden van kracht zijn geworden een bezoeker tot de inrichting toe te laten of daarin te laten verblijven gedurende de tijd dat de inrichting gesloten moet zijn.
-
Het eerste lid is niet van toepassing op situaties waarin artikel 13b van de Opiumwet voorziet.
Artikel 2:31
Verboden gedragingen
-
Het is verboden in een openbare inrichting:
de orde te verstoren;
zich als bezoeker te bevinden na sluitingstijd of gedurende de tijd dat de inrichting gesloten dient te zijn op grond van een besluit krachtens artikel 2:30, eerste lid;
op het terras spijzen of dranken te verstrekken aan personen die geen gebruik maken van het terras.
Artikel 2:32
Vergunning voor terras
-
Het is verboden een terras in te richten en te exploiteren bij een openbare inrichting die deel uit maakt van een winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkeltijdenwet, tenzij het betreft een ijssalon.
-
Voor andere dan in het eerste lid bedoelde openbare inrichtingen is het verboden om zonder vergunning van de burgemeester een terras in te richten en te exploiteren op een openbare plaats.
-
De burgemeester kan categorieën terrassen aanwijzen waarvoor in afwijking van het tweede lid geen vergunningsplicht geldt.
-
De burgemeester kan besluiten om in het kader van de handhaving van de openbare orde en veiligheid en bescherming van het woon- en leefklimaat voor het inrichten en exploiteren van een terras dat onder de aanwijzing als bedoeld in het derde lid valt, toch een vergunningsplicht op te leggen.
-
Onverminderd het bepaalde in artikel 1:4 kan de burgemeester aan een vergunning voorschriften en beperkingen opnemen ten aanzien van de openingstijden, de afmetingen en de exploitatie van het terras waarbij afgeweken kan worden van de bepalingen van artikel 2:32a en de algemene regels als bedoeld in artikel 2:32b.
-
De exploitatie van een terras is alleen toegestaan, vanuit de openbare inrichting waartoe het terras behoort.
Artikel 2:32a
Openingstijden terras
De exploitatie van het terras is uitsluitend toegestaan tussen 07.00 uur en 1.00 uur.
Artikel 2:32b
Algemene regels voor een terras
-
Het college kan algemene regels vaststellen voor de exploitatie van een terras.
-
Het is verboden om een terras in te richten of te exploiteren in strijd met de algemene regels, tenzij dit uitdrukkelijk in de vergunning als bedoeld in artikel 2:32 tweede lid is toegestaan.
Artikel 2:32c
Weigering terrasvergunning
Een vergunning als bedoeld in artikel 2:32, tweede lid wordt geweigerd indien:
een goede afwikkeling van het verkeer, waaronder voetgangers, in het belang van de verkeersveiligheid niet mogelijk is;
vaststaat of met redenen is te vrezen dat de plaatsing van het terras een ontoelaatbare aantasting van het woon- en leefklimaat tot gevolg zal hebben en daaraan door het opleggen van voorschriften niet voldoende tegemoet kan worden gekomen;
indien niet wordt voldaan aan de redelijke eisen van welstand.
de exploitatie van het terras in strijd is met het omgevingsplan of verleende omgevingsvergunning.
Artikel 2:33
Regulering para commerciële rechtspersonen
-
Een para commerciële rechtspersonen kan alcoholhoudende drank uitsluitend verstrekken vanaf één uur voor de aanvang en tot één uur na afloop van de activiteit die past binnen de statutaire doelomschrijving van de desbetreffende para commerciële rechtspersoon.
-
Een para commerciële rechtspersoon verstrekt geen alcoholhoudende drank tijdens bijeenkomsten van persoonlijke aard en bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de desbetreffende rechtspersoon betrokken zijn.
-
Het bestuursreglement dient nadrukkelijk aan te geven hoe er wordt omgegaan met alcohol en jongeren onder de 18 jaar.
Artikel 2:34
Het college als bevoegd bestuursorgaan
Indien een openbare inrichting geen voor het publiek openstaand gebouw of bijbehorend erf is in de zin van artikel 174 van de Gemeentewet, treedt het college bij de toepassing van artikel 2:28 tot en met 2:30 op als bevoegd bestuursorgaan.
Artikel 2:34a
Handel binnen openbare inrichtingen
-
In dit artikel wordt onder handelaar verstaan: de handelaar als bedoeld in artikel 1 van de algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 437, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht .
-
De exploitant van een openbare inrichting staat niet toe dat een handelaar of een voor hem handelend persoon in die inrichting enig voorwerp verwerft, verkoopt of op enige andere wijze overdraagt.
Artikel 2:34b
Verbod ‘happy hours’
Het is verboden in een horecalokaliteit of op een terras bedrijfsmatig of anders dan om niet alcoholhoudende drank te verstrekken voor gebruik ter plaatse tegen een prijs die voor een periode van 24 uur of korter lager is dan 60% van de prijs die daar gewoonlijk wordt gevraagd.
Artikel 2:34c
Beperkingen voor horecabedrijven en slijtersbedrijven
De burgemeester kan in het belang van de handhaving van de openbare orde, de veiligheid, de zedelijkheid of de volksgezondheid aan een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet voorschriften verbinden en de vergunning beperken tot het verstrekken van zwak-alcoholhoudende drank.