1. De burgemeester kan openbare inrichtingen ontheffing verlenen van artikel 2:29, tweede lid tot 05:00 uur dagelijks.

  2. Deze inrichtingen dienen gevestigd te zijn in de op basis van artikel 2:29, tweede lid aangewezen gebieden.

  3. De burgemeester weigert de ontheffing als bedoeld in het eerste lid indien de openbare inrichting een restaurant, cafetaria, lunchroom, koffie- of theezaak, ijssalon, snackbar, grillroom, buurthuis of clubhuis, shishalounge, coffeeshop of een daarmee gelijk te stellen horecabedrijf betreft.

  4. De ontheffing wordt verleend voor de duur van vijf jaar.