1. Het is verboden een openbare inrichting te exploiteren zonder vergunning van de burgemeester.

  2. Geen vergunning is vereist voor een openbare inrichting die zich bevindt in:

    1. een winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkeltijdenwet voor zover de activiteiten van de openbare inrichting een nevenactiviteit vormen van de winkelactiviteit;

    2. een zorginstelling;

    3. een museum; of

    4. een bedrijfskantine of –restaurant.

  3. In aanvulling op het tweede lid is ook geen vergunning vereist voor een openbare inrichting die:

    1. in bezit is van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet; of

    2. uitsluitend geopend is tussen 07:00 uur en 19:00 uur;

  4. De burgemeester kan categorieën openbare inrichtingen aanwijzen waarbij in afwijking van het tweede en derde lid wel een vergunning is vereist.

  5. De exploitatie van openbare inrichtingen geschiedt overeenkomstig de door het college vastgestelde nadere regels voor exploitatie van openbare inrichtingen.

  6. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing op de vergunning bedoeld in het eerste lid.