In afwijking van het eerste lid van artikel 2:80c geldt het aldaar gestelde verbod voor de leidinggevende die op het moment van inwerkingtreding van het in artikel 2:80B genoemde aanwijzingsbesluit reeds onder het aanwijzingsbesluit vallende bedrijfsmatige activiteiten verricht, voor die bestaande activiteiten op bestaande locaties eerst drie maanden na inwerkingtreding van het aanwijzingsbesluit of met ingang van inwerkingtreding van het besluit tot weigering of intrekking van een door hem aangevraagde vergunning, voor zover dat eerder is.