De toestemming kan worden ingetrokken of gewijzigd als:

  1. ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt;

  2. op grond van een verandering van de omstandigheden of inzichten opgetreden na het verlenen van de toestemming, intrekking of wijziging noodzakelijk is vanwege het belang of de belangen ter bescherming waarvan de toestemming is vereist;

  3. de aan de toestemming verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen;

  4. van de toestemming geen gebruik wordt gemaakt binnen een daarin gestelde termijn dan wel, bij het ontbreken van een gestelde termijn, binnen een redelijke termijn; of

  5. de houder dit verzoekt.