1. De vereisten voor de voortzetting van de onvoorwaardelijke inschrijving voor de specialisatie personen- en familierecht zijn:

    1. het behandelen van tenminste vijftien zaken per jaar op het terrein van het personen- en familierecht; en

    2. het behalen van tenminste tien opleidingspunten per jaar op het terrein van het personen- en familierecht. Opleidingspunten behaald op het terrein van vaardigheden op het personen- en familierecht tellen voor dit aantal mee.

  2. Advocaten die tevens ingeschreven staan als mediator voor de specialisatie personen- en familierecht bij de Raad behandelen in afwijking van het in het eerste lid onder a gestelde voor beide specialisaties in totaal vijftien zaken per jaar, waarvan tenminste zeven familiemediations.

  3. Advocaten die tevens ingeschreven staan als mediator voor de specialisatie personen- en familierecht bij de Raad, behalen in afwijking van het in het eerste lid onder b gestelde voor beide specialisaties in totaal tien opleidingspunten, waarvan vijf opleidingspunten op het terrein van familiemediation.