1. De voorwaardelijke inschrijving geldt voor de duur van één jaar.

  2. De advocaat behandelt gedurende de voorwaardelijke inschrijving tenminste tien toevoegingen op het terrein van het vreemdelingenrecht onder begeleiding van een reeds voor de specialisatie vreemdelingenrecht onvoorwaardelijk ingeschreven advocaat.

  3. De Raad zet de voorwaardelijke inschrijving na de periode genoemd in het eerste lid en zodra uit rapportage van de advocaat en zijn begeleider is gebleken dat aan de voorwaarden genoemd in artikel 6.17 eerste en vijfde lid en artikel 6.18 tweede lid is voldaan, om naar een onvoorwaardelijke inschrijving. Indien de stukken niet vóór het einde van het jaar van voorwaardelijke inschrijving zijn ontvangen, komt de voorwaardelijke inschrijving te vervallen.

  4. De termijn van voorwaardelijke inschrijving kan in bijzondere gevallen worden verlengd met een door de Raad te bepalen termijn.

  5. De advocaat die onvoorwaardelijk is ingeschreven is beschikbaar om advocaten te begeleiden die voorwaardelijk voor de specialisatie vreemdelingenrecht zijn ingeschreven.

  6. Advocaten kunnen op verzoek direct onvoorwaardelijk worden ingeschreven indien zij kunnen aantonen dat zij aan de voorwaarden genoemd in artikel 6.17 eerste en vijfde lid onder b en artikel 6.18, tweede lid en vijfde lid voldoen.