1. Onverminderd het bepaalde in artikel 2.19 en behoudens het bepaalde in het tweede lid en artikel 2.23c, kan een paracommerciële rechtspersoon, die zich in hoofdzaak richt op een sportieve of recreatieve activiteit alcoholhoudende drank uitsluitend verstrekken in de avonduren waarop de betreffende sportieve of recreatieve activiteit voor senior-leden plaatsvindt vanaf een half uur voor aanvang van de activiteit tot 1 uur na afloop van de activiteit, in ieder geval niet vóór 19.00 uur en tot uiterlijk 01.00 uur.

  2. Een paracommerciële rechtspersoon als bedoeld in het eerste lid kan tijdens seniorenwedstrijden, die eindigen vóór 19.00 uur, alcoholhoudende drank uitsluitend verstrekken vanaf een half uur voor aanvang van de wedstrijd, in ieder geval niet vóór 12.00 uur, tot 3 uur na afloop van de wedstrijd, doch in ieder geval tot uiterlijk 19.30 uur.

  3. Onverminderd het bepaalde in artikel 2.19 en behoudens het bepaalde in artikel 2.23c, kunnen overige, dan de in het eerste lid bedoelde, paracommerciële rechtspersonen alcoholhoudende drank uitsluitend verstrekken vanaf een half uur voor aanvang tot het einde, doch in ieder geval tot uiterlijk 01.00 uur, van een sociaal-culturele, educatieve, levensbeschouwelijke of godsdienstige activiteit waarop de paracommerciële rechtspersoon of de vaste gebruiker van de inrichting van de paracommerciële rechtspersoon zich in hoofdzaak richt.