De rechthebbende op herkauwende en eenhoevige dieren of varkens (vee), dan wel niet uitvliegend pluimgedierte (kippen, kalkoenen e.d.) die zich bevinden in een weiland of op een terrein dat niet van de weg is afgescheiden door een deugdelijke (vee)kering, is verplicht ervoor te zorgen dat zodanige maatregelen getroffen worden dat dit vee/gedierte die weg niet kan bereiken.