De vergunning wordt geweigerd indien:

  1. het in artikel 2:34a.3 bedoelde maximum aantal inrichtingen is bereikt.

  2. de vestiging of exploitatie strijd oplevert met het geldende omgevingsplan;

  3. de exploitant/leidinggevende(n) binnen drie jaar voorafgaande aan de aanvraag een inrichting heeft (hebben) geëxploiteerd of een woning heeft gebruikt die op grond van (ernstige vrees voor) verstoring van de openbare orde dan wel in het kader van de Opiumwet gesloten is geweest;

  4. de exploitant/leidinggevende(n) de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt;

  5. de exploitant/leidinggevende(n) geen verklaring(en) omtrent het gedrag overlegt, die uiterlijk drie maanden voor de datum waarop de vergunningaanvraag is ingediend is afgegeven;

  6. naar het oordeel van de burgemeester moet worden aangenomen dat de woon- en leefsituatie in de omgeving van de inrichting en/of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed door de aanwezigheid van de inrichting;

  7. er sprake is van een concentratie van inrichtingen in een bepaald gebied, waardoor het gevaar voor aantasting van de openbare orde of het woon- en leefklimaat cumulatief toeneemt;

  8. de inrichting gevestigd is in de onmiddellijke nabijheid van horecabedrijven of winkels met een dusdanig andere bezoekersgroep, dat de ontmoeting tussen de verschillende bezoekersgroepen openbare orde-problemen tot gevolg heeft of tot gevolg dreigt te hebben;

  9. de inrichting gevestigd is in de directe nabijheid van een terrein waarop een school of jongerencentrum is gehuisvest;

  10. redelijkerwijze moet worden aangenomen, dat de feitelijke toestand niet met het in de aanvraag vermelde in overeenstemming zal zijn;

  11. sprake is van één van de weigeringsgronden bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob).