1. Het is de bestuurder van een groepsfiets verboden zich met een groepsfiets te bevinden op door de burgemeester aangewezen gebieden, wegen of weggedeelten.

  1. Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder bestuurder van een groepsfiets tevens verstaan, de aanbieder of exploitant van een groepsfiets.

  1. De burgemeester kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid gestelde verbod.