1. Het college stelt jaarlijks vóór 1 januari een evenementenkalender vast op basis van de door de raad vastgestelde kaders met betrekking tot de vaststelling van de evenementenkalender. Deze kaders bestaan uit:

    a. De locatieprofielen voor evenementenlocaties waarin de criteria zijn opgenomen met betrekking tot aard en soort van het evenement, veiligheid, belasting voor de woon- en leefomgeving en duurzaamheid;

    b. De beleidsregels met betrekking tot het aantal evenementen en/of geluidbelastende evenementen in zijn totaliteit voor de gemeente en per locatie en de spreiding daarvan binnen de gemeente;

    c. De beleidsregels met kwaliteitscriteria waarbij de volgende criteria een rol spelen bij plaatsing op de evenementenkalender:

    i. Bijdragen aan de positie van 's-Hertogenbosch als toonaangevende datastad;

    ii. Bijdragen aan cultuurparticipatie en Cultuurstad van het Zuiden;

    iii. Zonder winstoogmerk en vrij en gratis toegankelijk;

    iv. Voor jongeren georganiseerd;

    v. Een lokale binding hebben;

    vi. Maatschappelijk en duurzaam ondernemen;

    vii. Afzien van het gebruik van vuurwerk.

  1. Degene die voornemens is een evenement te organiseren waarvoor een vergunning op grond van artikel 2:10 lid 1 vereist is, dient het college jaarlijks in de periode van 1 september tot 1 oktober te verzoeken het betreffende evenement te plaatsen op de evenementenkalender voor het volgende jaar. Het verzoek dient te geschieden door middel van een of namens het college vastgesteld formulier. Een dergelijk verzoek is geen aanvraag voor een vergunning als bedoeld in artikel 2:10. Een verzoek gedaan voor 1 september van het jaar voorafgaand aan wanneer het evenement moet plaatsvinden, wordt buiten behandeling gesteld.

  1. De procedure totstandkoming van de evenementenkalender is als volgt:

    a. Aan de hand van een risicoscan wordt beoordeeld of het een vergunningsplichtig evenement met A, B of C classificatie betreft of dat volstaan kan worden met een melding.

    b. Verzoeken die volledig en vóór 1 oktober zijn ontvangen, worden gelijktijdig en gelijkwaardig in behandeling genomen.

    c. De verzoeken worden eerst getoetst aan de locatieprofielen. Verzoeken die in strijd zijn met de locatieprofielen worden een plaats op de evenementenkalender geweigerd.

    d. De verzoeken worden getoetst aan de beleidsregels met betrekking tot het aantal evenementen en/of evenementendagen en/of geluidbelastende evenementen in zijn totaliteit voor de gemeente en per locatie en de spreiding daarvan binnen de gemeente.

    e. Als er sprake is van verzoeken die in strijd zijn met beleidsregels zoals bedoeld onder lid 3, sub d, wordt voorrang gegeven aan de evenementen die:

    I. Bijdragen aan de positie van 's-Hertogenbosch als toonaangevende datastad;

    II. Bijdragen aan cultuurparticipatie en Cultuurstad van het Zuiden;

    III. Terugkerend evenement met een positieve integrale evaluatie;

    IV. Subsidie ontvangen vanuit de Gemeente 's-Hertogenbosch en/of Provincie Noord-Brabant;

    V. Zonder winstoogmerk en vrij en gratis toegankelijk zijn;

    VI. Voor jongeren georganiseerd worden:

    VII. Een lokale binding hebben:

    VIII. Maatschappelijk en duurzaam ondernemen.

    IX. Afzien van het gebruik van vuurwerk.

    f. Indien niet op basis van de criteria onder lid 3, sub e onder I tot en met IX een keuze uit de concurrerende aanmeldingen kan worden gemaakt, vindt een loting tussen deze aanmeldingen plaats.

    g. Voor zover de afweging zoals hiervoor in lid 3 onder e niet kan leiden tot een keuze en een loting moet plaatsvinden, worden de betreffende verzoeken niet meegenomen bij het vaststellen van de evenementenkalender. Na loting wordt het ingelote verzoek alsnog op de evenementenkalender geplaatst.

  1. Evenementen die na 1 oktober bij het college worden aangemeld, worden niet meer op de evenementenkalender geplaatst. Na vaststelling van de evenementenkalender wordt de organisatie verzocht een evenementenvergunning zoals bedoeld in artikel 2:10 aan te vragen.

  1. Het college kan beleidsregels vaststellen over de procedure van totstandkoming van de evenemtenkalender.

  1. Er hoeft niet te worden voldaan aan hetgeen gesteld is in lid 2 van dit artikel indien:

    a. het een 0-evenement betreft.

    b. het een bijzonder evenement is.

    c. het een evenement betreft waarvoor vrijstelling is verleend op grond van artikel 2.10 lid 11.