1. Het is verboden bedrijfsmatig of anders dan om niet sterke drank voor gebruik ter plaatse te verstrekken in een inrichting of in een onderdeel van een inrichting:

  2. waarin uitsluitend of in hoofdzaak geringe eetwaren, zoals belegde broodjes, patat frites of ander snacks en ijs worden verkocht;

  3. waarin uitsluitend of in hoofdzaak onderwijs wordt gegeven;

  4. die uitsluitend of in hoofdzaak in gebruik is bij jeugdorganisaties of -instellingen;

  5. die uitsluitend of in hoofdzaak in gebruik is bij sportorganisaties of -instellingen;

  6. die in gebruik is als wachtruimte voor passagiers van een openbaar vervoersbedrijf;

  7. die gelegen is op een kampeer- of caravanterrein;

  8. die kan worden aangemerkt als dorps- of buurthuis of wijkgebouw gedurende de tijd dat deze uitsluitend of in hoofdzaak in gebruik is bij jeugdorganisaties of -instellingen.

  9. De burgemeester kan in het belang van de handhaving van de openbare orde, de veiligheid, de zedelijkheid of de volksgezondheid aan een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet voorschriften verbinden en de vergunning beperken tot het verstrekken van zwak-alcoholhoudende drank.