Het is verboden zich zonder redelijk doel en op een voor anderen hinderlijke wijze op te houden in en op een voor het publiek toegankelijke ruimte, dan wel deze te verontreinigen en te gebruiken voor een ander doel dan waarvoor deze ruimte is bestemd. Onder deze ruimten worden in elk geval begrepen: portalen, telefooncellen, wachtlokalen voor het openbaar vervoer, parkeergarages en rijwielstallingen.