De bepalingen van deze paragraaf gelden niet voor de visserij in het IJsselmeer, in wateren als bedoeld in artikel 21, tweede lid, onderdeel d en in andere bij ministeriële regeling aan te wijzen wateren of complexen van wateren.
Visserijwet 1963 Actueel
Inhoud
§ 5
Artikel 25
-
Elke overeenkomst van huur en verhuur van visrecht van enig water, zomede elke overeenkomst tot wijziging of aanvulling van zodanige overeenkomst, moet schriftelijk worden aangegaan.
-
Indien de overeenkomst niet schriftelijk is aangegaan, kan de meest gerede partij bij de kantonrechter van de rechtbank van het arrondissement waarin het viswater of het grootste gedeelte daarvan gelegen is, de schriftelijke vastlegging daarvan vorderen.
-
Tegen het vonnis van de kantonrechter staat geen hogere voorziening open.
-
De griffier van de rechtbank zendt binnen veertien dagen na de uitspraak, waarbij de overeenkomst schriftelijk is vastgelegd, drie gewaarmerkte afschriften van het vonnis aan de Kamer.
Artikel 26
-
Overeenkomsten, als bedoeld in het vorige artikel, met inbegrip van die, welke ingevolge het bepaalde in het tweede lid van dat artikel schriftelijk zijn vastgelegd, behoeven de goedkeuring van de Kamer.
-
Het bepaalde in het vorige lid geldt niet voor overeenkomsten, welke zijn aangegaan door een op grond van artikel 35 door Onze Minister aangewezen openbaar lichaam.
Artikel 27
Het is de huurder van visrecht verboden de visserij uit te oefenen in het water, waarvan hij visrecht heeft gehuurd, zonder te zijn voorzien van een schriftelijke overeenkomst van huur en verhuur van dat visrecht welke in de gevallen, waarin ingevolge deze wet de goedkeuring is vereist, door de Kamer is goedgekeurd.
Artikel 28
-
De overeenkomst van huur en verhuur van visrecht geldt voor de tijd van zes jaren.
-
Een huurovereenkomst kan in bijzondere omstandigheden voor een langere of kortere duur worden aangegaan, mits een bepaalde datum van beëindiging is vastgesteld.
Artikel 29
-
De Kamer keurt de overeenkomst van huur en verhuur van visrecht goed, tenzij:
een doelmatig bevissen van het water, waarop de overeenkomst betrekking heeft, dan wel van het complex van wateren, waartoe dat water behoort, door de overeenkomst zou worden belemmerd;
de overeenkomst in strijd is met het bepaalde bij een ministeriële regeling, als bedoeld in artikel 35;
de prestaties, waartoe partijen zich hebben verbonden kennelijk onevenredig zijn;
de overeenkomst is aangegaan voor onbepaalde tijd dan wel is aangegaan voor een langere of kortere duur dan 6 jaren zonder dat bijzondere omstandigheden zulks rechtvaardigen.
-
De Kamer kan aan een goedkeuring voorschriften verbinden ter verzekering van de bij de uitoefening van het visrecht betrokken belangen van derden.
-
Voor de geldigheid van bepalingen, welke in strijd met de wet zijn, kan op de goedkeuring van de overeenkomst door de Kamer geen beroep worden gedaan.
-
Het in de voorgaande leden bepaalde vindt overeenkomstige toepassing ten aanzien van de overeenkomst tot wijziging of aanvulling van een overeenkomst van huur en verhuur van visrecht.
Artikel 30
-
Indien de Kamer haar goedkeuring aan een overeenkomst van huur en verhuur van visrecht of aan een overeenkomst tot wijziging of aanvulling van zodanige overeenkomst zou moeten onthouden, wijzigt zij de overeenkomst op het punt of de punten, welke in verband met het bepaalde in artikel 29, eerste lid, de goedkeuring verhinderen of verklaart zij haar nietig.
Uit een door de Kamer op de overeenkomst geplaatste aantekening moet blijken, dat de overeenkomst door de Kamer is gewijzigd.
-
De door de Kamer gewijzigde overeenkomst geldt als een tussen partijen aangegane en goedgekeurde overeenkomst. In geval van wijziging alsmede in geval van nietigverklaring regelt de Kamer zo nodig de gevolgen.
Artikel 31
-
Zij die voornemens zijn met elkaar een overeenkomst van huur en verhuur van visrecht dan wel een overeenkomst tot wijziging of aanvulling van zodanige overeenkomst aan te gaan, zijn bevoegd een ontwerp-overeenkomst ter goedkeuring aan de Kamer in te zenden.
-
De Kamer beoordeelt de ontwerp-overeenkomst met toepassing van artikel 29, eerste lid; zij kan haar goedkeuring afhankelijk stellen van wijzigingen, welke zij in verband met het bepaalde in dat artikel nodig oordeelt.
-
Indien binnen twee maanden, nadat de Kamer een ontwerp-overeenkomst heeft goedgekeurd, een overeenkomst wordt ingezonden, welke gelijk is aan de ontwerp-overeenkomst, zoals deze werd goedgekeurd, is de Kamer tot goedkeuring gehouden.
-
Op het verzoek tot goedkeuring van het ontwerp van een overeenkomst van huur en verhuur van visrecht kan niet meer worden beslist nadat de daarin als huurder genoemde persoon als zodanig op het viswater is toegelaten.
Artikel 32
-
Het is verboden in verband met een overeenkomst van huur en verhuur van visrecht enig ander voordeel te bedingen of aan te nemen dan in de door de Kamer goedgekeurde overeenkomst is opgenomen.
-
Indien enig ander voordeel is aangenomen dan in de door de Kamer goedgekeurde overeenkomst is opgenomen, behoudt de goedgekeurde overeenkomst haar rechtskracht.
Artikel 33
-
Een overeenkomst van huur en verhuur van visrecht, voor zover aangegaan voor een periode van zes jaren, wordt van rechtswege verlengd voor een gelijke periode, tenzij:
de verhuurder uiterlijk acht maanden voor het eind van de lopende overeenkomst aan de huurder een nieuwe overeenkomst van huur en verhuur van visrecht heeft aangeboden of aan hem schriftelijk te kennen heeft gegeven de overeenkomst van huur en verhuur van het visrecht niet te willen voortzetten, of
de huurder, indien door de verhuurder geen toepassing is gegeven aan onderdeel a, voor het einde van de lopende overeenkomst aan de verhuurder schriftelijk te kennen heeft gegeven de overeenkomst van huur en verhuur van het visrecht niet te willen voortzetten.
-
Tenzij de overeenkomst van huur en verhuur van het visrecht is aangegaan voor een jaar of een periode korter dan een jaar, kan de huurder de Kamer verzoeken de lopende overeenkomst te verlengen:
indien de verhuurder hem een nieuwe overeenkomst heeft aangeboden waarmee hij zich niet kan verenigen;
indien de verhuurder hem te kennen heeft gegeven de overeenkomst niet te willen voortzetten, of
in het geval die overeenkomst is aangegaan voor een andere tijdsduur dan zes jaren.
Dit verzoek wordt ten minste een half jaar vóór het einde van de lopende overeenkomst gedaan.
-
Een verzoek als bedoeld in het tweede lid kan worden beperkt tot een gedeelte van het visrecht, waarop de overeenkomst betrekking heeft.
-
De Kamer beslist naar billijkheid, evenwel met inachtneming van het bepaalde in de volgende leden.
-
De Kamer wijst het verzoek in ieder geval af indien de verhuurder de overeenkomst niet wil voortzetten wegens de omstandigheid dat de huurder voor het einde van de lopende overeenkomst de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, heeft bereikt of zal bereiken.
-
Indien een doelmatige bevissing van het water, waarop de overeenkomst betrekking heeft dan wel van het complex van wateren, waartoe dat water behoort, door de toewijzing van het verzoek zou worden belemmerd, wijst de Kamer het verzoek af dan wel beperkt zij de verlenging tot een gedeelte van het visrecht.
-
Indien en voor zover de Kamer het verzoek toewijst, stelt zij de duur vast voor welke de verlenging zal gelden en welke ten hoogste zes jaren zal bedragen.
-
Ingeval de verlenging tot een gedeelte van het visrecht wordt beperkt, stelt de Kamer de prestatie van de huurder vast.
-
Indien de Kamer een niet overeenkomstig het bepaalde in het derde lid beperkt verzoek tot verlenging toewijst, kan zij, indien daartoe naar haar oordeel aanleiding bestaat, de prestatie van de huurder herzien.
-
Indien de Kamer het verzoek geheel of onder beperkingen toewijst, kan zij de overeenkomst wijzigen of aan haar besluit voorschriften verbinden ter verzekering van de belangen van de verhuurder of van de bij de uitoefening van het visrecht betrokken visserijbelangen van derden. Alsdan is artikel 30, eerste lid, tweede volzin, en tweede lid, van overeenkomstige toepassing.
Artikel 34
Na het overlijden van de huurder loopt de overeenkomst met de gezamenlijke erfgenamen door tot het einde van het eerstvolgende huurjaar, behoudens eerdere beëindiging uit anderen hoofde. Is de nalatenschap ingevolge artikel 13 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek verdeeld, dan loopt de overeenkomst gedurende de in de eerste zin bedoelde termijn met de echtgenoot of geregistreerde partner van de erflater door.
Artikel 35
Indien binnen enig gebied de versnippering van de eigendom van de grond onder het viswater of van het visrecht een doelmatig bevissen van het water belemmert, kan Onze Minister, de Kamer gehoord, bij regeling bepalen, dat verhuur van het visrecht op dat water uitsluitend kan geschieden aan en vervolgens door een openbaar lichaam, door Onze Minister aangewezen in overeenstemming met dat lichaam.
Artikel 36
-
De bepalingen van deze paragraaf vinden overeenkomstige toepassing op overeenkomsten, waardoor of krachtens welke tegen een prestatie ineens of in termijnen beperkte genotsrechten voor 25 jaar of korter dan wel voor onbepaalde tijd op de grond onder het viswater worden gevestigd.
In geval van beperkte genotsrechten voor onbepaalde tijd blijft de overeenkomstige toepassing van bepalingen van deze paragraaf beperkt tot 25 jaar na de vestiging.
-
De bepalingen, die voor het beperkte genotsrecht gelden vinden slechts toepassing voor zover zij niet in strijd zijn met bepalingen van deze paragraaf.