Schepenwet Actueel

Inhoud
Hoofdstuk I Inleidende bepalingen
Hoofdstuk II Voorkoming van scheepsrampen
Hoofdstuk III De Raad voor de Scheepvaart en de Commissies van Onderzoek in Aruba, Curaçao en Sint Maarten
Hoofdstuk III A De veiligheidscommissies
Hoofdstuk IV Onderzoek van scheepsrampen
Hoofdstuk V Maatregelen van tucht
Hoofdstuk VI Verplichtingen en strafbepalingen
Hoofdstuk VII Slotbepalingen

§ 2

Strafbare feiten

Artikel 56

  1. Gedragingen in strijd met het bepaalde in de artikelen 4, eerste lid, 9, eerste, tweede en derde lid, 9a, eerste lid, en 17a, eerste en tweede lid, 28, vierde lid, 32, eerste lid, tweede volzin, 52, 53, 54 en 55 zijn strafbare feiten.

  2. Gedragingen in strijd met het bepaalde in de artikelen 9, derde lid, 9a, eerste lid, en 17a, eerste en tweede lid, en 52, eerste en derde lid, zijn misdrijven voor zover zij opzettelijk zijn begaan en overigens overtredingen. Gedragingen in strijd met de artikelen 52, tweede lid, 54 en 55 zijn misdrijven. Gedragingen in strijd met de overige in het eerste lid genoemde artikelen zijn overtredingen.

  3. Niet strafbaar is hij die aan de in artikel 53 vermelde aanvraag geen gevolg geeft, omdat hij het bedoelde document nog niet heeft kunnen verkrijgen.

Artikel 57

  1. De in artikel 56, tweede lid, bedoelde misdrijven worden, behoudens de gedragingen in strijd met artikel 55, gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of een geldboete van ten hoogste de vierde boetecategorie.

  2. Gedragingen in strijd met artikel 55, worden gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste drie jaren of een geldboete van ten hoogste de vierde boetecategorie.

  3. De in artikel 56, tweede lid, bedoelde overtredingen worden, behoudens de gedragingen in strijd met artikel 39, eerste lid, gestraft met hechtenis van ten hoogste vier maanden of een geldboete van ten hoogste de derde boetecategorie.

  4. Gedragingen in strijd met artikel 39, eerste lid, worden gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of een geldboete van ten hoogste de derde boetecategorie.

Artikel 58

Overtreding van het bepaalde bij of krachtens algemene maatregel van rijksbestuur wordt, voor zover die overtreding uitdrukkelijk als strafbaar feit is aangemerkt, gestraft met hechtenis van ten hoogste vier maanden of een geldboete van ten hoogste de derde boetecategorie.

Artikel 59

  1. Door of namens het Hoofd van de Scheepvaartinspectie kan een bestuurlijke boete worden opgelegd aan een eigenaar die handelt in strijd met de bij of krachtens artikel 9a gestelde verplichtingen of de in artikelen 53 en 55 gestelde verboden.

  2. De bestuurlijke boete voor een gedraging van de eigenaar in strijd met bij of krachtens artikel 9a gestelde verplichtingen voor zover deze niet opzettelijk is begaan, of in strijd met artikel 53 ten hoogste kan worden opgelegd, komt overeen met de boete van de derde boetecategorie.

  3. De bestuurlijke boete voor een gedraging van de eigenaar in strijd met bij of krachtens artikel 9a gestelde verplichtingen voor zover deze opzettelijk is begaan of in strijd met artikel 55 ten hoogste kan worden opgelegd, komt overeen met de boete van de vierde boetecategorie.

← terug naar Schepenwet