Schepenwet

Inhoud
Hoofdstuk I Inleidende bepalingen
Hoofdstuk II Voorkoming van scheepsrampen
Hoofdstuk III De Raad voor de Scheepvaart en de Commissies van Onderzoek in Aruba, Curaçao en Sint Maarten
Hoofdstuk III A De veiligheidscommissies
Hoofdstuk IV Onderzoek van scheepsrampen
Hoofdstuk V Maatregelen van tucht
Hoofdstuk VI Verplichtingen en strafbepalingen
Hoofdstuk VII Slotbepalingen

Artikel 4

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-07-2026.
  1. De kapitein is verplicht, alvorens met zijn schip een reis te ondernemen, ervoor te zorgen dat:

    1. het schip volkomen zeewaardig is en alle daarvoor in aanmerking komende openingen binnenboord en buitenboord afdoende zijn gesloten;

    2. aan boord de benodigde reddings- en veiligheidsmiddelen en medische uitrusting met een bijbehorende handleidingen en aanwijzingen, aanwezig zijn;

    3. aan boord de benodigde zeevaartkundige kaarten, zeevaartkundige publicaties en instrumenten beschikbaar zijn voor de kapitein en deze behoorlijk zijn bijgehouden of op tijd zijn nagezien en bijgesteld;

    4. alle hulpmiddelen die nodig zijn om te kunnen voldoen aan de bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee, aan boord zijn en in deugdelijke staat verkeren, en in het algemeen de scheepsuitrusting aan de eisen van zeewaardigheid en veiligheid voldoet;

    5. de lensinrichting in orde en van voldoende capaciteit is;

    6. de aanwezige elektrische inrichtingen voldoen aan de vastgestelde voorschriften;

    7. de radio-installaties bedrijfsklaar zijn;

    8. de belading, de stuwage en de ballasten van het schip aan de eisen van zeewaardigheid en veiligheid voldoen;

    9. het schip zodanig is geladen, dat het geen geringer vrijboord heeft dan volgens de afgegeven certificaten is toegestaan;

    10. het schip zodanig is bemand dat redelijkerwijs alle werkzaamheden aan boord, met inachtneming van geldende wet- en regelgeving, kunnen worden uitgevoerd, mede gelet op de veiligheid van het schip;

    11. de voorgeschreven stabiliteitsgegevens aan boord zijn;

    12. de met betrekking tot oorlog of oorlogsgevaar gegeven voorschriften in acht zijn genomen;

    13. de met betrekking tot het vervoer van lading gegeven voorschriften in acht zijn genomen;

    14. niet meer passagiers zijn ingescheept dan bij of krachtens deze wet is toegestaan, de alarmrol bekend is gemaakt, de voorgeschreven alarmrollen zijn gehouden en op duidelijke wijze de nodige aanwijzingen zijn aangebracht betreffende de plaatsen waar de reddingmiddelen zijn opgeborgen of geplaatst, hoe deze plaatsen zijn te bereiken en hoe de reddingmiddelen moeten worden gebruikt.

  2. Bij of krachtens algemene maatregel van rijksbestuur wordt vastgesteld aan welke eisen ter voldoening aan het bepaalde in het eerste lid moet worden voldaan.

  3. Bij of krachtens algemene maatregel van rijksbestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot normen voor bemanning en andere personen die, in welke hoedanigheid ook, aan boord ten behoeve van het schip in dienst of tewerkgesteld zijn inzake opleiding, diplomering, wachtdienst en medische geschiktheid.

01-07-2026 Huidig 01-01-2020 Historisch

Vergelijking met vorige versie

Vergeleken met 01-01-2020

Tekst van deze versie

  1. De kapitein is verplicht, alvorens met zijn schip eeneeen reis te ondernemen, ervoor te zorgen dat:

    1. het schip volkomen zeewaardig is en alle daarvoor in aanmerking komende openingen binnenbinnenboord en buiten boordbuitenboord afdoende zijn gesloten;
    2. aan boord de noodigebenodigde redding-reddings- en veiligheidsmiddelen, alsmede heel-veiligheidsmiddelen en verbandmiddelenmedische uitrusting met een bijbehorende handleidingen en eene desbetreffende handleiding,aanwijzingen, aanwezig zijn, in verband met den dienst, waarin het schip wordt gebruikt, den aard en den duur der voorgenomen reis en het aantal opvarenden en de noodige aanwijzingen betrekkelijk een doelmatig gebruik van de reddingmiddelen zijn aangebracht;zijn;
    3. aan boord de noodigebenodigde zeekaarten,zeevaartkundige zeilaanwijzingenkaarten, zeevaartkundige publicaties en instrumenten aanwezigbeschikbaar zijn voor de kapitein en deze behoorlijk zijn bijgehouden of op tijd zijn nagezien en gesteld;bijgesteld;
    4. alle hulpmiddelen,hulpmiddelen noodigdie nodig zijn om te kunnen voldoen aan de bepalingen ter voorkoming van aanvaringen,aanvaringen op zee, aan boord zijn en in deugdelijkendeugdelijke staat verkeeren, de lantaarns in overeenstemming met deze bepalingen kunnen worden geplaatst,verkeren, en in het algemeen de uitrusting van het schipscheepsuitrusting aan de eischeneisen van zeewaardigheid en veiligheid voldoet;
    5. de lensinrichting in orde en van voldoende capaciteit is;

    6. de aanwezige electrischeelektrische inrichtingen voldoen aan de vastgestelde voorschriften;
    7. de radioinstallatiesradio-installaties bedrijfsklaar zijn;
    8. de belading, de stuwage en hetde ballasten van het schip aan de eischeneisen van zeewaardigheid en veiligheid voldoen;
    9. het schip zodanig is geladen, dat het geen geringer vrijboord heeft dan blijkensvolgens de afgegeven certificaten is toegestaan;
    10. het schip behoorlijkzodanig is bemand isdat redelijkerwijs alle werkzaamheden aan boord, met voorinachtneming zijnevan taakgeldende berekend personeel, dat lichamelijk geschikt is voor de hem opgedragen werkzaamheden, eenwet- en anderregelgeving, inkunnen verbandworden metuitgevoerd, mede gelet op de veiligheid van het schip;
    11. de voorgeschreven stabiliteitsgegevens aan boord zijn;

    12. de met betrekking tot oorlog of oorlogsgevaar gegeven voorschriften in acht zijn genomen;

    13. de met betrekking tot het vervoer van lading gegeven voorschriften in acht zijn genomen.genomen;
    14. indienniet hetmeer schippassagiers eenzijn passagiersschipingescheept dan bij of krachtens deze wet is toegestaan, de alarmrol bekend is gemaakt, de voorgeschreven alarmrollen zijn gehouden en op duidelijke wijze de nodige aanwijzingen zijn aangebracht betreffende de plaatsen waar de reddingmiddelen zijn opgeborgen of geplaatst, hoe deze plaatsen zijn te bereiken en hoe de reddingmiddelen moeten worden gebruikt.
  2. Bij of krachtens algemene maatregel van rijksbestuur wordt vastgesteld aan welke eisen ter voldoening aan het bepaalde in het eerste lid moet worden voldaan.

  3. Bij of krachtens algemene maatregel van rijksbestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot normen voor bemanning en andere personen die, in welke hoedanigheid ook, aan boord ten behoeve van het schip in dienst of tewerkgesteld zijn inzake opleiding, diplomering, wachtdienst en medische geschiktheid.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Schepenwet