-
Voor het besturen van motorrijtuigen gelden de volgende minimumleeftijden:
voor de rijbewijscategorie AM: 16 jaren;
voor de rijbewijscategorie A1: 18 jaren;
voor de rijbewijscategorie A2: 20 jaren;
voor de rijbewijscategorie A, indien de bestuurder reeds in het bezit is van een rijbewijs voor de categorie A2: 22 jaren;
voor de rijbewijscategorie A, indien de bestuurder niet in het bezit is van een rijbewijs voor de categorie A2: 24 jaren;
In afwijking van onderdelen d en e geldt voor bestuurders van driewielige motorrijtuigen van de rijbewijscategorie A de leeftijd van eenentwintig jaren;
voor de rijbewijscategorie B en E bij B: 18 jaren;
voor de rijbewijscategorie C1 en E bij C1: 18 jaren;
voor de rijbewijscategorieën C en E bij C, indien betrokkene niet tevens in het bezit is van het getuigschrift van vakbekwaamheid: 21 jaren;
voor de rijbewijscategorieën C en E bij C, indien betrokkene tevens in het bezit is van het getuigschrift van vakbekwaamheid: 18 jaren;
voor de rijbewijscategorieën D1 en E bij D1, indien betrokkene niet tevens in het bezit is van het getuigschrift van vakbekwaamheid: 21 jaren;
voor de rijbewijscategorieën D1 en E bij D1, indien betrokkene tevens in het bezit is van het getuigschrift van vakbekwaamheid: 18 jaren;
voor de rijbewijscategorieën D en E bij D, indien betrokkene niet tevens in het bezit is van het getuigschrift van vakbekwaamheid: 24 jaren;
voor de rijbewijscategorieën D en E bij D, indien betrokkene tevens in het bezit is van het getuigschrift van vakbekwaamheid: 21 jaren.
-
Er geldt geen minimumleeftijd voor:
bestuurders van gehandicaptenvoertuigen die zijn uitgerust met een elektromotor en die niet sneller kunnen rijden dan 10 km per uur;
bestuurders van bromfietsen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, subonderdeel d, van de wet, die beschikken over een gehandicaptenparkeerkaart of een kaart ten behoeve van het vervoer van gehandicapten als bedoeld in artikel 5, zesde lid, van het RVV 1990.
-
Voor bestuurders van landbouw- en bosbouwtrekkers, gehandicaptenvoertuigen, anders dan die bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, motorrijtuigen met beperkte snelheid, mobiele machines, alsmede voor bestuurders van motorrijtuigen waarvoor geen rijbewijsplicht geldt, geldt de minimumleeftijd van 16 jaren.
-
Van de in het derde lid vastgestelde minimumleeftijd kan ontheffing worden verleend voor zover het betreft gehandicaptenvoertuigen als bedoeld in dat lid.
-
In afwijking van het eerste lid, onderdeel b, geldt voor bestuurders van een motorrijtuig van de categorie A1 de minimumleeftijd van 16 jaren, indien zij beschikken over een geldig rijbewijs voor de categorie A1, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie, een staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, dan wel over een door het daartoe bevoegde gezag in Nederland afgegeven rijbewijs voor die categorie dat is verkregen door omwisseling overeenkomstig artikel 45.
-
In afwijking van het eerste lid, onderdeel c, geldt voor bestuurders van een motorrijtuig van de categorie A2 de minimumleeftijd van 18 jaren indien zij beschikken over een geldig rijbewijs voor de categorie A2, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie, een staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, dan wel over een door het daartoe bevoegde gezag in Nederland afgegeven rijbewijs voor die categorie dat is verkregen door omwisseling overeenkomstig artikel 45.
-
In afwijking van het eerste lid, onderdeel d, geldt voor bestuurders van een motorrijtuig van de categorie A, niet zijnde een driewielig motorrijtuig van die categorie, de minimumleeftijd van 20 jaren, indien zij beschikken over een geldig rijbewijs voor de categorie A, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie, een staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, dan wel over een door het daartoe bevoegde gezag in Nederland afgegeven rijbewijs voor die categorie dat is verkregen door omwisseling overeenkomstig artikel 45.
-
In afwijking van het eerste lid, onderdeel f, geldt voor bestuurders van motorrijtuigen van de rijbewijscategorie B de leeftijd van zeventien jaren indien betrokkene in het bezit is van een rijbewijs B en een geldige, aan hem afgegeven begeleiderspas en wordt begeleid door een begeleider.
-
In afwijking van het eerste lid, onderdeel f, en het achtste lid geldt voor degene die in het kader van begeleid rijden ten behoeve van de rijbewijscategorie B de tussentijdse toets, bedoeld in artikel 70, vierde lid, aflegt de leeftijd van zestien jaren en zes maanden.
-
In afwijking van het eerste lid, onderdeel h, geldt voor het Nederlandse grondgebied de leeftijd van 18 jaar, indien:
de bestuurder een door het bevoegd gezag van een op het beroep van chauffeur goederenvervoer gerichte beroepsopleiding als bedoeld in de Wet educatie en beroepsonderwijs of een bij ministeriële regeling daaraan gelijkwaardig verklaarde opleiding afgegeven gewaarmerkte verklaring kan overleggen waaruit blijkt sinds welke datum hij de opleiding volgt, en
de bestuurder door middel van een geldig bewijs van inschrijving kan aantonen dat hij nog staat ingeschreven bij de opleiding.
-
De in het eerste lid, onderdeel m, vastgestelde minimumleeftijd van 21 jaren geldt niet indien het vervoer in het Europese deel van Nederland plaatsvindt en:
de bestuurder de leeftijd van 18 jaren maar nog niet die van 20 jaren heeft bereikt en,
- 1°
het vervoer betreft zonder passagiers; of
- 2°
het personenvervoer op geregelde diensten betreft waarvan het traject ten hoogste 50 km bedraagt; of
- 1°
de bestuurder de leeftijd van 20 jaren heeft bereikt.
Inhoud
Hoofdstuk I Algemene bepalingen
§ 4 Eisen ten aanzien van het geven van rijonderricht
§ 5 Registratie van rijbewijzen uit andere lid-staten van de Europese Gemeenschap en uit andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte
§ 6 Omvang van de uit het rijbewijs voortvloeiende bevoegdheid
§ 7 Geldigheidsduur van het rijbewijs
Hoofdstuk II Aanvraag van rijbewijzen
§ 1 Indiening van de aanvraag
§ 2 Bij de aanvraag vereiste gegevens
- Artikel 33
- Artikel 34
- Artikel 34a
- Artikel 35
- Artikel 36
- Artikel 37
- Artikel 38
- Artikel 39
- Artikel 40
- Artikel 41
- Artikel 41a
- Artikel 41b
- Artikel 41c
- Artikel 41d
- Artikel 42
- Artikel 42a
- Artikel 42b
- Artikel 42c
- Artikel 42d
- Artikel 42e
- Artikel 43
- Artikel 44
- Artikel 45
- Artikel 46
- Artikel 47
- Artikel 48
- Artikel 48a
- Artikel 48b
- Artikel 48c
- Artikel 48d
§ 3 Controle op de identiteit van de aanvrager
§ 4 Begeleid rijden
Hoofdstuk III Verklaringen van rijvaardigheid
§ 1 Algemeen
§ 2 Aanvraag van verklaringen van rijvaardigheid
§ 3 Het theorie-examen
§ 4 Het praktijk-examen
- Artikel 67
- Artikel 67a
- Artikel 67b
- Artikel 67c
- Artikel 67d
- Artikel 67e
- Artikel 67f
- Artikel 67g
- Artikel 67h
- Artikel 67ha
- Artikel 67i
- Artikel 68
- Artikel 69
- Artikel 69a
- Artikel 69b
- Artikel 70
- Artikel 71
- Artikel 72
- Artikel 72a
- Artikel 73
- Artikel 73a
- Artikel 74
- Artikel 75
- Artikel 75a
- Artikel 76
- Artikel 76a
- Artikel 77
- Artikel 77a
- Artikel 78
- Artikel 78a
- Artikel 79
- Artikel 80
- Artikel 81
- Artikel 81a
- Artikel 82
- Artikel 83
- Artikel 84
§ 5 Registratie van verklaringen van rijvaardigheid
§ 6 Nader onderzoek rijvaardigheid
Hoofdstuk IV Verklaringen van geschiktheid
Hoofdstuk V Afgifte van rijbewijzen
Hoofdstuk VI Maatregelen rijvaardigheid en geschiktheid
Afdeling 1 Algemeen
Afdeling 2 Educatieve maatregelen
Afdeling 3 Alcoholslotprogramma
Afdeling 4 Onderzoeken naar de rijvaardigheid of geschiktheid
Hoofdstuk VII Registratie van gegevens met betrekking tot rijbewijzen
Hoofdstuk VIIa Verklaringen van vakbekwaamheid en verklaringen van nascholing voor bestuurders goederen- en personenvervoer over de weg
§ 1 Algemeen
§ 2 Aanvraag van verklaringen van vakbekwaamheid, verklaringen van nascholing en deelcertificaten
§ 3 Stelsel van basiskwalificatie
§ 4 Theorie-examen vakbekwaamheid
§ 5 Praktijkexamen vakbekwaamheid
§ 6 Vrijstellingen basiskwalificatie
§ 7 Stelsel van nascholing
§ 8 Vrijstellingen nascholing
§ 9 Erkenning opleidingscentra
§ 10 Onderricht
§ 11 Registratie van verklaringen van vakbekwaamheid en verklaringen van nascholing
§ 12 Kwalificatiekaart bestuurder
§ 13 Overige bepalingen
Hoofdstuk VIII Bromfietscertificaten
Hoofdstuk VIIIa Experiment met rijbewijs B voor volledig elektrische bedrijfsauto’s tot 4.250 kg
Hoofdstuk VIIIb Experiment begeleid rijden
Hoofdstuk VIIIc Experiment elektronische aanvraag rijbewijzen
Hoofdstuk IX Overgangsbepalingen
- Artikel 174
- Artikel 175
- Artikel 176
- Artikel 177
- Artikel 178
- Artikel 178a
- Artikel 179
- Artikel 179a
- Artikel 179b
- Artikel 180
- Artikel 181
- Artikel 182
- Artikel 183
- Artikel 184
- Artikel 185
- Artikel 185a
- Artikel 185b
- Artikel 185c
- Artikel 185d
- Artikel 185e
- Artikel 185f
- Artikel 185g
- Artikel 186
- Artikel 187
- Artikel 188
- Artikel 189
- Artikel 190
- Artikel 191
- Artikel 192
- Artikel 193
- Artikel 194
- Artikel 195
- Artikel 196
- Artikel 197
- Artikel 197a
- Artikel 197b
Hoofdstuk X Strafbepaling
Hoofdstuk XI Slotbepalingen
Artikel 5
Actueel
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.