In deze afdeling wordt onder evenement verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van:
bioscoop-, theater- of muziekvoorstellingen, voor zover deze worden gehouden in gebouwen die daarvoor zijn bestemd of overwegend worden gebruikt;
markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder g, van de Gemeentewet
kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen;
activiteiten in horecabedrijven die in de uitoefening van het bedrijf gebruikelijk zijn;
betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties;
sportwedstrijden, niet zijnde vechtsportgala’s als bedoeld in het tweede lid, onder g.
Onder evenement wordt mede verstaan:
een herdenkingsplechtigheid;
een braderie;
een optocht, niet zijnde een betoging als bedoeld in artikel 2:3 van deze verordening, op de weg;
een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg;
een snuffelmarkt;
een voor publiek toegankelijke (dans)feest op een passagiersschip als bedoeld bij of krachtens de Binnenvaartwet;
vechtsportgala’s. Hieronder worden tevens verstaan:
Free-, cage-, en ultimate fightevenement of daarmee vergelijkbare evenementen;
Mixed Martial Arts, ook wel genoemd gemengde vechtkunst, waaronder in ieder geval worden begrepen free fight (het vrije vechten), vale tudo (Braziliaans Mixed Martial Arts) en cage fight (kooigevecht);
Kickboksen en Muay Thai (Thaiboksen) in al hun varianten;
een erotisch evenement. Hieronder wordt verstaan:
een voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak waarbij vertoningen van erotisch pornografische aard plaatsvinden;
een voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak waarbij aan het publiek de gelegenheid wordt geboden op fysieke wijze deel te nemen aan het erotische vermaak.
Onder klein evenement wordt verstaan: een evenement dat voldoet aan de in artikel 2:25, derde lid, genoemde criteria.
Algemene plaatselijke verordening (APV) Zaanstad 2013 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).
Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Openbare orde
Afdeling Bestrijding van ongeregeldheden
Afdeling Betoging
Afdeling Verspreiden van stukken en aanbieden van andere activiteiten op de openbare weg (z)
Afdeling Vertoningen e.d. op de weg
Afdeling Bruikbaarheid en aanzien van de weg
Afdeling Veiligheid op de weg
Afdeling Evenementen (z)
Afdeling Toezicht op horecabedrijven en op voor publiek toegankelijke gebouwen (z)
Afdeling Bijzondere bepalingen over horecabedrijven als bedoeld in de Alcoholwet
Afdeling Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf
Afdeling Toezicht op speelgelegenheden (z)
Afdeling Tegengaan onveilig, niet leefbaar en malafide ondernemersklimaat (z)
Afdeling Maatregelen tegen overlast en baldadigheid
- Artikel 2:41
- Artikel 2:42
- Artikel 2:43
- Artikel 2:44
- Artikel 2:44a
- Artikel 2:45
- Artikel 2:46
- Artikel 2:47
- Artikel 2:48
- Artikel 2:49
- Artikel 2:50
- Artikel 2:50a
- Artikel 2:51
- Artikel 2:52
- Artikel 2:53
- Artikel 2:54
- Artikel 2:55
- Artikel 2:56
- Artikel 2:57
- Artikel 2:58
- Artikel 2:59
- Artikel 2:59a
- Artikel 2:60
- Artikel 2:61
- Artikel 2:62
- Artikel 2:63
- Artikel 2:64
- Artikel 2:65
Afdeling Bepalingen ter bestrijding van heling van goederen
Afdeling Vuurwerk
Afdeling Drugsoverlast (z)
Afdeling Bestuurlijke ophouding, veiligheids-risicogebieden en cameratoezicht op openbare plaatsen en verblijfsontzeggingen
Hoofdstuk Regulering prostitutie, seksbranche en aanverwante onderwerpen
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding der gemeente
Afdeling Parkeerexcessen
Afdeling Collecteren
Afdeling Standplaatsen
Afdeling Snuffelmarkten (z)
Afdeling Openbaar water
Afdeling Crossterreinen en gemotoriseerd- en ruiterverkeer in natuurgebieden
Afdeling Verbod vuur te stoken
Afdeling Verstrooiïng van as
Hoofdstuk Straf-, overgangs- en slotbepalingen
Afdeling
Artikel 2:25
Evenement (z)
Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren.
Bij de indiening van de vergunningaanvraag worden de gegevens, bedoeld in artikel 2.3 van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen, aangeleverd voor zover voor het evenement een gebruiksmelding zou moeten worden gedaan op grond van artikel 2.1, eerste lid, van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen.
Geen vergunning is vereist voor een klein evenement, indien:
het aantal aanwezigen niet meer bedraagt dan 300 bezoekers / personen;
het evenement tussen 07.00 uur en 23.00 uur plaats vindt;
geen muziek ten gehore wordt gebracht voor 07.00 uur of na 23.00 uur;
het evenement niet plaatsvindt op de rijbaan van een doorgaande weg en/of anderszins een belemmering vormt voor het verkeer of hulpdiensten;
slechts kleine objecten worden geplaatst van minder dan 25m2 en het totaal van de objecten tezamen niet meer dan 100m2 bedraagt, waarbij de oppervlakte per object niet geldt voor springkussens;
er een organisator is; en
de organisator ten minste 10 werkdagen voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan aan de burgemeester;
voldoende afvalbakken zijn geplaatst;
er geen vuurwerk wordt afgestoken;
er bij het evenement geen dieren worden gebruikt, los van de dieren die onderdeel uitmaken van de dagelijkse bedrijfsvoering.
het evenement wordt georganiseerd door particuliere initiatiefnemers of maatschappelijke instellingen.
De burgemeester kan binnen 5 werkdagen na ontvangst van de melding besluiten een klein evenement te verbieden, indien er aanleiding is te vermoeden dat daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt, of de betreffende locatie op grond van de evenementenkalender niet beschikbaar is op de datum dat de organisator van een klein evenement van deze locatie gebruik wil maken.
Het verbod van het eerste lid is niet van toepassing op een wedstrijd op of aan de weg, in situaties waarin wordt voorzien door artikel 10 juncto 148, van de Wegenverkeerswet 1994.
Voor het aanvragen van een vergunning voor een evenement dat geen klein evenement is in de zin van het derde lid gelden de volgende termijnen voor indienen:
voor een A-evenement acht weken voorafgaande aan het evenement;
voor een B- en C- evenement veertien weken voorafgaande aan het evenement.
Naast op grond van de in artikel 1:8 genoemde weigeringsgronden kan de burgemeester de vergunning weigeren als naar zijn oordeel:
van het evenement een onevenredige belasting voor het woon- of leefklimaat in de omgeving te verwachten is;
het evenement verontreiniging tot gevolg heeft, afbreuk doet aan het uiterlijk aanzien van de omgeving dan wel schade toebrengt aan groenvoorzieningen of voorzieningen van openbaar nut.
de betreffende locatie op grond van de evenementenkalender niet beschikbaar is op de datum dat de organisator van het evenement van deze locatie gebruik wil maken.
De burgemeester wijst plaatsen aan waar geen vergunning wordt afgegeven voor het afsteken van vuurwerk. De burgemeester weigert de vergunning als deze geheel of gedeeltelijk ziet op het afsteken van vuurwerk op deze plaatsen.
Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
Artikel 2:25a
Vechtsportwedstrijden (z)
Naast de in artikel 1:8 genoemde weigeringsgronden kan de burgemeester een vergunning voor een vechtsportgala/vechtsportwedstrijd voorts weigeren:
bij overschrijding van het aantal van 2 commerciële vechtsportgala’s/wedstrijden met veel landelijke belangstelling per jaar;
wanneer er vanuit politie of toezicht/handhaving van de gemeente zodanige signalen bestaan dat sprake is van criminele activiteiten, dan wel reële vrees bestaat voor verstoring van de openbare orde.
De burgemeester kan nadere eisen en voorschriften verbinden aan een vergunning. De gronden voor deze nadere eisen en voorschriften zijn geen andere dan de hierboven en in artikel 1:8 genoemde. De nadere eisen en voorschriften worden bepaald in het zogeheten Evenementenoverleg tussen de betrokken veiligheidsdiensten, conform beleid uit Veiligheid bij evenementen (februari 2012).
De burgemeester weigert de vergunning als de organisator/ vergunningaanvrager van een vechtsportgala/wedstrijd niet van onbesproken levensgedrag is.
Artikel 2:26
Ordeverstoring (z)
Het is verboden bij een evenement de orde te verstoren.
Het is verboden enig gereedschap, voorwerp of middel te vervoeren of bij zich te hebben met de kennelijke bedoeling daarmee bij een evenement de orde te verstoren.
Deze verboden zijn niet van toepassing op situaties waarin bij of krachtens het Wetboek van Strafrecht is voorzien.