1. Het is de eigenaar, houder of verzorger van een hond, alsmede eenieder die een hond onder zijn hoede heeft, verboden deze onaangelijnd binnen de bebouwde kom, op een openbare plaats, te laten lopen.

  2. Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op door het college aangewezen en door middel van borden aangegeven plaatsen.