1. Artikel 4:18, eerste lid, is niet van toepassing op door het college aangewezen plaatsen.

  2. Het college kan daarbij nadere regels stellen ter bescherming van de belangen genoemd in artikel 4:18, vierde lid.

  3. Het verbod van artikel 4:18, eerste lid, geldt niet voor nachtvissen, wanneer wordt voldaan aan de navolgende voorwaarden:

    1. De visser en het gezelschap mogen geen nachtelijk lawaai veroorzaken en mogen geen rommel achterlaten bij de visplek. Muziek en open vuur zijn niet toegestaan;

    2. Het is verboden om de oever en de oevervegetatie aan te tasten;

    3. Het gebruik van een schuilmiddel is toegestaan;

    4. Het schuilmiddel mag geen grotere afmetingen hebben dan 3 bij 3 meter en moet een neutrale groene, bruine of camouflagekleur hebben;

    5. De afstand tussen het schuilmiddel en de waterkant mag niet groter zijn dan 3 meter. Als waterkant wordt gerekend daar waar het water de oever raakt;

    6. Het schuilmiddel mag niet langer worden gebruikt dan maximaal 48 uur achtereen;

    7. Er moet een voorziening zijn getroffen om de natuurlijke behoefte te kunnen doen;

    8. De sportvisser dient in het bezit te zijn van een geldige landelijke Vispas.

  4. Het college is bevoegd om nadere regels te stellen omtrent het schuilmiddel en de locaties waarbinnen het is toegestaan om te nachtvissen.