In deze afdeling wordt verstaan onder:
voertuigen: voertuigen als bedoeld in artikel 1.1 (RVV 1990), met uitzondering van kleine wagens zoals kruiwagens, kinderwagens en gehandicaptenvoertuigen;
parkeren: het laten stilstaan van een voertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is en gebruikt wordt voor het onmiddellijk in- of uitstappen van passagiers of voor het onmiddellijk laden of lossen van goederen;