1. De burgemeester kan in het belang van de openbare orde aan degene die de openbare orde ernstig verstoord of die één of meer van de wettelijke bepalingen overtreedt, die genoemd worden in het laatste lid van dit artikel, een bevel geven zich te verwijderen en zich verwijderd houden van of uit een door de burgemeester bij bevel gegeven plaats of gebied, gedurende de tijd, bij het bevel genoemd.

  2. Het bevel, zoals genoemd in het eerste lid, geldt bij een eerste gebiedsontzegging voor de overtreder voor een tijdvak van maximaal twee weken en gaat direct in nadat het besluit tot gebiedsontzegging aan de overtreder bekend is gemaakt.

  3. In het belang van de openbare orde kan de burgemeester aan degene aan wie al eerder een gebiedsontzegging is opgelegd, maar van wie binnen één jaar na deze ontzegging weer geconstateerd wordt dat hij één of meer van de in het laatste lid genoemde artikelen overtreedt, een nieuwe gebiedsontzegging opleggen zoals genoemd in het eerste lid, voor een tijdvak van maximaal twaalf weken.

  4. De burgemeester houdt bij zijn besluit rekening met eventuele zwaarwegende belangen die de overtreder kan hebben voor aanwezigheid in het aangewezen gebied, zoals het daar wonen, werken of bezoeken van hulpverleners.

  5. Het is verboden zich op een plaats of in een gebied te bevinden in strijd met een krachtens het eerste lid gegeven bevel.

  6. De in het eerste lid bedoelde wettelijke bepalingen zijn:

    1. uit de Algemene plaatselijke verordening Venray:

      artikel 2:1 (samenscholing en ongeregeldheden)

      artikel 2:26 (ordeverstoring bij evenementen)

      artikel 2:31 (verboden gedragingen)

      artikelen 2:42 tot en met 2:65a (maatregelen tegen overlast en baldadigheid)

      artikel 2:74 (drugshandel op straat)

    2. uit het Wetboek van Strafrecht:

      artikel 138 (huisvredebreuk)

      artikel 139 (lokaalvredebreuk)

      artikel 141 (gezamenlijke openlijke geweldpleging)

      artikel 170 (vernieling van gebouwen)

      artikel 285 (bedreiging met misdrijf)

      artikel 300 (mishandeling)

      artikel 306 (deelneming aan aanval of vechterij)

      artikel 310 (diefstal)

      artikel 321 (verduistering)

      artikel 350 (zaakbeschadiging)

      artikel 426 (ordeverstoring in dronkenschap)

      artikel 453 (openbare dronkenschap)

    3. artikel 2 en 3 van de Opiumwet;

    4. alle bepalingen betreffende verboden wapenbezit in de Wet Wapens en Munitie.