1. Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2.27, waar enkel alcoholvrije dranken worden geschonken en / of rookwaren of spijzen voor consumptie worden bereid of verstrekt, te exploiteren.

  2. Dit verbod geldt niet:

    1. indien wordt gehandeld krachtens een vergunning ingevolge de Alcoholwet tot het uitoefenen van een horecabedrijf;

    2. voor middelen van vervoer tijdens hun gebruik als zodanig.

  3. Onverminderd artikel 1:8 weigert de burgemeester de vergunning als:

    1. een leidinggevende in enig opzicht van slecht levensgedrag is zoals bedoeld in artikel 8 van de Alcoholwet;

    2. een leidinggevende(n) de leeftijd van 21 jaar niet heeft bereikt;

    3. redelijkerwijs moet worden aangenomen, dat de feitelijke situatie niet met het in de aanvraag vermelde in overeenstemming zal zijn;

    4. in het geval en onder de voorwaarden, zoals bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.

  4. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.