1. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren.

  2. Een vergunning voor een evenement dient minimaal zestien weken voor aanvang van het evenement te worden aangevraagd, tenzij een afwijkende termijn is bepaald in de Beleidsregels voor de uitvoering van het Beleidsplan Veilige evenementen in een gastvrij Soest, en diens rechtsopvolger(s).

  3. Bij de indiening van de vergunningaanvraag worden de gegevens, bedoeld in artikel 2.3 van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen, aangeleverd voor zover voor het evenement een gebruiksmelding zou moeten worden gedaan op grond van artikel 2:1 eerste lid van het Besluit Brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen.

  4. Geen vergunning is vereist voor een klein evenement, indien:

    1. het aantal aanwezigen niet meer bedraagt dan 150 gelijktijdig aanwezige personen; en

    2. het evenement plaatsvindt op:

      1. maandag t/m donderdag van 09.00 uur tot 18.00 uur, of

      2. vrijdag en zaterdag van 09.00 uur tot 24.00 uur, of

      3. zondag van 13.00 uur tot 23.00 uur; en

    3. slechts kleine objecten worden geplaatst met een oppervlakte van minder dan 25 m² per object; en

    4. er uitsluitend sprake is van akoestisch geluid of licht versterkt muziekgeluid (achtergrondmuziek); en

    5. het evenement niet plaatsvindt op de rijbaan, (brom)fietspad, trottoir of parkeerplaats of anderszins een belemmering vormt voor het verkeer en de hulpdiensten en de organisator minimaal zeven werkdagen voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan aan de burgemeester; danwel

    6. het evenement wel plaatsvindt op de rijbaan, (brom)fietspad, trottoir of parkeerplaats en de organisator minimaal zes weken voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan aan de burgemeester.

  5. De burgemeester kan binnen vijf dagen na ontvangst van de melding besluiten het organiseren van klein evenement te verbieden, indien er aanleiding is te vermoeden dat daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt.

  6. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op een wedstrijd op of aan de weg, voor situaties waarin voorzien wordt door artikel 10 juncto 148 van de Wegenverkeerswet 1994.

  7. Het vierde lid is niet van toepassing op een krachtens artikel 2:24, tweede lid, onder f, aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of -gala’s.

  8. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester een vergunning voor een vechtsportevenement als bedoeld in artikel 2:24, tweede lid, onder f, weigeren als de organisator of de aanvrager van de vergunning in enig opzicht van slecht levensgedrag is.

  9. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.