In deze afdeling wordt verstaan onder handelaar: een handelaar als bedoeld in artikel 1 van de
algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 437, eerste lid, van het Wetboek van
Strafrecht.
In deze afdeling wordt verstaan onder handelaar: een handelaar als bedoeld in artikel 1 van de
algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 437, eerste lid, van het Wetboek van
Strafrecht.
De handelaar is verplicht aantekening te houden van alle gebruikte of ongeregelde
goederen die hij verkoopt of op andere wijze overdraagt, in een doorlopend en een door
of namens de burgemeester gewaarmerkt register, en daarin onverwijld op te nemen:
het volgnummer van de aantekening met betrekking tot het goed;
de datum van verkoop of overdracht van het goed;
een omschrijving van het goed, daaronder begrepen – voor zover dat mogelijk is –
soort, merk en nummer van het goed;
de verkoopprijs of andere voorwaarden voor overdracht van het goed; en
de naam en het adres van degene die het goed heeft verkregen.
De naam en het adres van degenen die het goed ter verkoop heeft aangeboden.
De burgemeester kan vrijstelling verlenen van deze verplichtingen.
Op de aanvraag om een vrijstelling is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet
bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
De handelaar of een voor hem handelend persoon is verplicht:
de burgemeester binnen drie dagen schriftelijk in kennis te stellen:
dat hij het beroep van handelaar uitoefent met vermelding van zijn woonadres en het adres van de bij zijn onderneming behorende vestiging;
van een verandering van de onder a, sub 1, bedoelde adressen;
dat hij het beroep van handelaar niet langer uitoefent;
dat hij enig goed kan verkrijgen dat redelijkerwijs van een misdrijf afkomstig is of
voor de rechthebbende verloren is gegaan;
de burgemeester op eerste aanvraag zijn administratie of register ter inzage te geven;
aan de hoofdingang van elke vestiging een kenteken te hebben waarop zijn naam en de aard van de onderneming duidelijk zichtbaar zijn;
een door opkoop verkregen goed gedurende de eerste drie dagen in bewaring te houden in de staat waarin het goed verkregen is.
Het is verboden op een openbare plaats inbrekerswerktuigen te vervoeren of bij zich te
hebben.
Dit verbod is niet van toepassing indien de bedoelde werktuigen niet zijn gebruikt of niet
zijn bestemd om zich onrechtmatig de toegang tot een gebouw of erf te verschaffen,
onrechtmatig sluitingen te openen of te verbreken, diefstal door middel van braak te
vergemakkelijken of het maken van sporen te voorkomen.
Het is verboden op de weg in de nabijheid van winkels te vervoeren of bij zich te hebben
voorwerpen, die kennelijk zijn bedoeld om het plegen van winkeldiefstal te
vergemakkelijken, zoals speciaal uitgeruste tassen, magneten of elektronische
voorwerpen die veiligheidslabels of veiligheidspoortjes dan wel andere hulpmiddelen ter
voorkoming van winkeldiefstal kunnen beïnvloeden, alsmede van tangen of andere
voorwerpen die kennelijk eveneens bedoeld zijn om het plegen van een winkeldiefstal te
vergemakkelijken.
Het in het vorige lid gestelde verbod is niet van toepassing indien redelijkerwijs kan
worden aangenomen dat de in dat lid bedoelde voorwerpen niet bestemd zijn voor de in
dat lid bedoelde handelingen.