1. Van de vergunning kan geen gebruik worden gemaakt voordat zij definitief is geworden, oftewel voordat:

    1. de bezwaar- of beroepstermijn is verstreken zonder dat bezwaar of beroep is ingediend;

    2. beslist is op een verzoek om een voorlopige voorziening;

    3. beslist is op het beroep en geen verzoek tot voorlopige voorziening is gedaan.

  2. Het in het eerste lid bepaalde geldt ook als de vergunning conform artikel 1:7 van rechtswege is verleend.