De burgemeester kan aan een vergunning verleend op grond van de Drank- en Horecawet voorschriften verbinden. Deze voorschiften kunnen (alleen) worden gesteld:
ter bescherming van de volksgezondheid, of
in het belang van de openbare orde, of
ter voorkoming van oneerlijke mededinging, of
ter bevordering van de naleving van artikel 20 van de Drank- en Horecawet.